Amandeloperatie bij volwassenen

De behandeling

Binnenkort wordt bij u een operatie aan de amandelen verricht. U krijgt informatie over de voorbereiding op de operatie, de operatie zelf en de nabehandeling. Neemt u deze informatie mee naar het ziekenhuis als u opgenomen wordt. Dan kunt u alles nog eens rustig nalezen.

Wanneer is het gewenst om de keelamandelen te verwijderen?

Keelamandelen worden verwijderd met de bedoeling een steeds terugkerende acute keelontsteking (angina) te voorkomen. Ook andere aandoeningen kunnen een indicatie zijn om de keelamandelen te verwijderen.

De beslissing om de amandelen te verwijderen is afhankelijk van de ernst van de klachten. Ook de frequentie van de klachten - hoe vaak treden ze op - speelt hierbij een rol. Wanneer het onvoldoende lukt om de klachten met medicijnen (pijnstillers en/of antibiotica) te bestrijden of als er te vaak medicijnen moeten worden gebruikt, kan het verstandig zijn om de amandelen weg te nemen. Soms zal hierbij de neusamandel, indien nog aanwezig, ook verwijderd worden.

Bij abcesvorming wordt meestal eerst het abces geopend. Daarna kunnen de keelamandelen aansluitend of na een paar dagen verwijderd worden. Men kan dit ook 6 - 8 weken later doen, als de keelamandelen weer tot rust zijn gekomen.

Welk tijdstip van operatie gekozen wordt, is onder andere afhankelijk van factoren als de mate van abcesvorming, tijdsduur en ernst van de ziekte, gebruik van bloedverdunnende medicijnen, beschikbaar zijn van de operatiekamer en het operatieteam en de wens van de patiënt.

Onderzoek voor de operatie (pré-operatieve screening)

U bezoekt (voor de opname in het ziekenhuis) op de polikliniek pré-operatieve screening de anesthesist. Hij brengt uw gezondheid en eventueel medicijngebruik in kaart. Ook krijgt u voorlichting over de verdoving en over de pijnbestrijding na de operatie. De operatie vindt over het algemeen plaats onder algehele anesthesie.

Een normale bloedstolling na de operatie is van groot belang. Daarom mag u voorafgaand aan de ingreep geen bloedverdunnende middelen gebruiken. Deze middelen zorgen ervoor dat het bloed minder goed of in het geheel niet stolt. Het gaat hierbij met name om pijnstillers die acetylsalicylzuur bevatten (Aspirine, Acetosal, Ascal etc.). Wanneer u wordt begeleid door de trombosedienst en dus antistolling gebruikt, moet u dit absoluut melden aan de behandelend Keel, Neus- en Oorarts en de anesthesist. Eveneens moet u vermelden of er in uw familie aangeboren bloedstollingsstoornissen voorkomen.

Na het bezoek aan de anesthesist heeft u een gesprek met een verpleegkundige. De verpleegkundige noteert uw gegevens die van belang zijn voor uw behandeling in het ziekenhuis. U krijgt aanvullende informatie over de operatie en instructies voor de opname.

De voorbereiding thuis

  • U wordt verzocht om de medicijnen die u gebruikt mee te nemen naar het ziekenhuis. In de folder 'Anesthesie' staat vanaf wanneer u niet meer mag eten en drinken.
  • U heeft deze ontvangen bij uw bezoek aan de anesthesist of specialist.
  • Op de ochtend van de operatie moet u zich douchen.

Tijdens de behandeling

Het verwijderen van de keelamandelen bij kinderen heet 'amandelknippen'. Hierbij worden de keelamandelen met een speciaal instrument in één beweging als het ware losgewoeld van de onderlaag. Bij volwassenen (en kinderen ouder dan 10 jaar) worden de amandelen meestal verwijderd door ze stapsgewijs los te maken, ook wel pellen genoemd. Dit laatste gebeurt omdat de keelamandelen bij ouderen veel vaster zitten aan de onderliggende weefsellaag.

In het ziekenhuis meldt u zich bij de opnamebalie, waarna een gastvrouw u naar de afdeling Dagbehandeling brengt. De verpleegkundige controleert uw bloeddruk, polsslag en temperatuur. U krijgt 3 à 4 neusdruppels (Otrivin) in beide neusgaten. Enige tijd voor de operatie kunt u nog even naar het toilet gaan. U krijgt een blauw operatiejasje aan; de onderbroek mag u aanhouden. Sieraden, make-up en eventuele gebitsprothesen dient u te verwijderen. Soms krijgt u een rustgevende tablet. Even later wordt u naar de operatiekamer gebracht. De ingreep vindt gewoonlijk plaats onder algehele anesthesie. Dit betekent dat u gedurende de operatie in slaap bent en niets van de operatie merkt.

Tijdsduur

De operatie duurt ongeveer een half uur.

Na de behandeling

Na de operatie gaat u naar de uitslaapruimte waar gedurende de eerste uren intensieve bewaking en controle plaatsvinden. Als uw lichamelijke conditie stabiel is, gaat u terug naar de afdeling Dagbehandeling van het Beatrixziekenhuis.

  • Een verpleegkundige belt uw eerste contactpersoon als u terug bent op de Dagbehandeling.
  • Na de operatie is het belangrijk dat u goed drinkt. Bij voorkeur koude dranken om de pijn wat te verlichten. U mag verder eten wat gaat.
  • In de meeste gevallen worden de medicijnen die u thuis gebruikte na de operatie weer gestart.
  • U heeft een infuus in uw arm. Dit infuus zorgt ervoor dat u voldoende vocht binnen krijgt. Het infuus wordt meestal verwijderd als u voldoende drinkt, geplast heeft en als de controles van de pols en bloeddruk stabiel blijven.
  • Direct na de ingreep heeft u pijn in de keel en moeite met slikken. De pijn kan uitstralen naar de oren. Dit gaat over in de loop van twee weken. Veel koud water drinken is belangrijk en kan de pijn verlichten. Daarnaast krijgt u zetpillen tegen de pijn. Probeer het schrapen van de keel te voorkomen.
  • Soms treedt na de ingreep misselijkheid op. Dit kan door medicijnen bestreden worden.
  • Meestal komt er na de operatie wat vers bloed uit de keel. Ook kan donker bloed worden gebraakt; dit is oud bloed dat tijdens de operatie in de maag terecht is gekomen.
    Soms kan er ook een beetje bloed uit de neus lopen. Dit komt doordat de slang waarmee u tijdens de narcose in slaap werd gehouden via de neus is ingebracht. Na het verwijderen van de neusamandel treedt vaak ook enig bloedverlies uit de neus op. De keel zal nog een paar dagen gevoelig en wit beslagen zijn.
  • U mag dezelfde dag uit bed.
  • Na de operatie mag u weer douchen en baden.

Uitslag

Zes weken na de operatie moet u voor controle op de polikliniek terugkomen, hiervoor krijgt u een afspraakkaartje mee.

Mogelijke complicaties/risico's

Ondanks alle zorg die besteed wordt aan de operatie, kunnen er soms toch nog complicaties optreden, zoals een nabloeding. De kans op een nabloeding is de eerste 3 uur na de ingreep het grootst en is bij volwassenen groter dan bij kinderen. Doorgaans mag u daarom dezelfde dag nog naar huis.

Bij een nabloeding ontstaat een bloeding onder het stolsel. Het is vaak voldoende het niet goed afsluitende stolsel te verwijderen zodat een nieuw en beter stolsel ontstaat. Soms, in ongeveer 2% van de amandeloperaties bij volwassenen, is het nodig om de nabloeding onder narcose te behandelen. Verder kunnen complicaties optreden zoals een wondinfectie, trombose en longontsteking.

Leefregels na de behandeling

Na de ingreep keelamandelen

  • Dag van de operatie: koude heldere en  dikke dranken (u kunt hierbij denken aan ijsjes, koude heldere dranken zonder koolzuur en eventueel vla of yoghurt)
  • Dag na de operatie: gemalen voeding
  • Daarna mag u weer eten wat u gewend bent. De eerste drie dagen na operatie raden we af koolzuurhoudende dranken, warme dranken, harde/scherpe voedingsmiddelen (stokbrood, chips) en banaan of tomaat te eten. Dit doet pijn.

Na de ingreep neusamandelen

  • Op de dag van de operatie mag u koude heldere dranken drinken zonder koolzuur, waterijsjes eten en eventueel in de loop van de dag vla of yoghurt.
  • De dag erna mag u weer normaal eten en drinken.

Contact

  • Op de dag van de operatie mag u koude heldere dranken drinken zonder koolzuur, waterijsjes eten en eventueel in de loop van de dag vla of yoghurt.
  • De dag erna mag u weer normaal eten en drinken.

Als u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft, stelt u deze dan gerust aan de arts of verpleegkundige.