Scheelziensoperatie (kinderen en hun ouders/verzorgers)

De behandeling

Je hebt nu één of twee ogen die niet recht vooruit kijken. Dat noemen we scheelzien. Door middel van een scheelziensoperatie gaat de dokter je ogen rechtzetten. Een scheelziensoperatie is een operatie aan je oogspier(en). De dokter maakt de oogspieren korter of verplaatst ze. Daardoor staat je oog weer rechter na de operatie.

De orthoptist en de dokter spreken af of één of allebei je ogen worden geopereerd. Als allebei je ogen geopereerd worden, doen we dat in één operatie.

Van de operatie zelf merk je niks, want je bent onder narcose. Narcose wil zeggen, dat je gaat “slapen” met behulp van medicijnen. Je voelt dan helemaal niets meer.

De duur van de operatie is afhankelijk van het aantal spieren, dat geopereerd wordt. Het duurt 15 minuten om 1 spier te opereren.

Je vader, moeder, of iemand anders, die je graag bij je hebt, mogen de hele dag bij je blijven. Alleen niet tijdens de operatie. Maar dat merk je niet, omdat je dan onder narcose bent.

De scheelziensoperatie gebeurt tijdens een dagopname. Dat betekent, dat je ’s morgens in het ziekenhuis komt en dezelfde dag weer naar huis mag. Je hoeft dus ’s nachts niet te blijven slapen. Een paar uur na de operatie mag je weer naar huis.

Voor de behandeling

Een tijdje voor de scheelziensoperatie kom je op de oogpolikliniek voor een laatste oogonderzoek. De oogarts en de orthoptist bekijken dan welke oogspieren ze gaan opereren.

Ook heb je voor de operatie nog een afspraak op de POS-poli. POS is de afkorting van: Pre-Operatief Spreekuur. Dat betekent: het spreekuur voor een operatie onder narcose.
Narcose wil zeggen, dat je gaat “slapen” met behulp van medicijnen. Je voelt niets van de operatie. We noemen dit wel slapen, maar het is geen gewone slaap. Als je onder narcose bent, kun je niet uit jezelf wakker worden.

De anesthesist is de dokter die jou de slaapmedicijnen geeft. Hij zorgt voor jou als je onder narcose bent en hij zorgt ervoor, dat je weer wakker wordt als de scheelziensoperatie klaar is. We noemen hem ook wel de slaapdokter.

Op de POS-poli heb je, samen met de je ouders, een gesprek met de apothekersassistente. Daarna mag je samen met je ouder(s) een vragenlijst invullen op de computer. Als je dit gedaan hebt, heb je nog een gesprek met de slaapdokter of de POS-verpleegkundige.

Wat gebeurt er op de POS-poli?

Ze willen van alles weten over je gezondheid. Bijvoorbeeld:

  • Welke ziektes je hebt gehad
  • Of je koorts hebt
  • Of je verkouden bent

Soms meten ze je gewicht, je lengte, je bloeddruk of je hartslag. Dit doet geen pijn.

  • Ze bespreken met jou en je ouders: Hoe het gaat als je onder narcose bent
  • Hoe je het beste de narcose kunt krijgen: met een prik, met een kapje, wat je kan helpen als pijn hebt of bang bent.

Als je tegen de narcose opziet, zeg het dan tegen de POS-verpleegkundige of de slaapdokter.

Tijdens de behandeling

Thuis

  • Je mag ’s ochtends niet meer eten en drinken. Dat heet nuchter zijn.
  • Als je koorts hebt of je bent verkouden, neem dan eerst contact op met het ziekenhuis. De operatie kan dan mogelijk niet doorgaan.

Op de verpleegafdeling

  • Je komt op de verpleegafdeling en krijgt een bed.
  • De verpleegkundige stelt soms nog wat vragen aan jou en je ouders.
  • Je krijgt een operatiejasje aan en een naambandje om.
  • Misschien krijg je een drankje, pilletje of zetpil.
  • Als je aan de beurt bent, ga je in bed of bij je ouder op de arm.
  • Jullie gaan samen naar de wachtruimte bij de operatiekamer.

In de wachtruimte bij de operatiekamer

  • Één van je ouders en de verpleegkundige doen een schort aan, blauwe slofjes over de schoenen en zetten een speciale muts op.
  • De medewerkers van de operatiekamer (met een groen pak en muts) komen jullie ophalen.
  • Ze nemen jou, één van je ouders en de verpleegkundige mee naar de operatiekamer.|

In de operatiekamer

  • Je gaat op de operatietafel liggen.
  • Je krijgt een plakker met daarin een klein lampje op je vinger of teen geplakt.
  • Je krijgt drie monitorstickers op je borst geplakt.
  • Je krijgt de narcose met een kapje of een prik.
  • Als je slaapt, gaat je vader of moeder terug naar de afdeling.
  • De dokter doet de operatie. De operatie duurt gemiddeld een uur.

In de uitslaapkamer

  • Je ligt weer in je eigen bed als je wakker wordt.
  • Één van je ouders mag bij je komen zitten.
  • Je hebt nog steeds de monitorstickers en het lampje op je vinger.
  • Je hebt een infuus in je hand. 
  • Als je goed wakker bent, rijden ze je met bed en al weer naar de afdeling.
  • Aan het eind van de operatie hebben we zalf in je oog gedaan. Als je wakker wordt, voelt je oog daardoor plakkerig aan. Het kan lastig zijn om je oog open te doen.
  • Je oog is niet afgeplakt.

Tijdsduur

De duur van de operatie is afhankelijk van het aantal spieren, dat geopereerd wordt. Het duurt 15 minuten om 1 spier te opereren.

Na de behandeling

Terug op de afdeling

  • Als je weer op de afdeling bent, mag je rustig in je bed blijven liggen. De verpleegkundige komt regelmatig bij je kijken.
  • Misschien voel je je nog niet zo lekker of ben je een beetje misselijk. Dat mag je altijd tegen je vader of moeder of de verpleegkundige zeggen. Ze kunnen er dan rekening mee houden of je extra medicijnen geven.
  • Tijdens de operatie heeft de dokter de oogspieren moeten hechten aan de oogbol. Hiervoor heeft hij hechtingen gebruikt die vanzelf oplossen. Je ziet ze ook niet, maar het voelt alsof er een zandkorreltje in je oog zit. Logisch, dat je dan in je oog wilt wrijven.
  • Maar als je dat doet, wordt het alleen maar erger. Dus hoe moeilijk het oog is, probeer niet te wrijven.
  • Als je goed wakker bent, mag je weer wat drinken.
  • De dokter komt vertellen hoe het gegaan is.

Thuis

  • Je kunt nog steeds het gevoel hebben, dat er een vuiltje of zandkorreltje in je oog zit. Probeer niet te wrijven.
  • Het kan nog lastig zijn om je ogen open te doen. Soms zijn je oogleden een beetje aan elkaar geplakt. Je vader of moeder mag dit schoonmaken met een wattenstokje of gaasje gedrenkt in afgekoeld gekookt water.
  • Koelen met een ice-pack kan prettig zijn.
  • Op de plaats waar de spieren zijn geopereerd, zijn je ogen rood. Dat wordt iedere dag steeds meer roze, totdat het uiteindelijk weer mooi wit is.
  • Na de operatie moet je drie keer per dag je ogen druppelen met antibiotica. Dit is ervoor om te zorgen, dat je oog niet gaat ontsteken. Na een week mag je stoppen met de druppels.

De vervolgafspraak

De eerste controle is ongeveer één week na de operatie. De orthoptist bekijkt dan je oog. Ook bespreekt zij met jou en je ouders hoe het verder gaat. Na ongeveer 2-3 maanden is het uiteindelijke resultaat duidelijk.

Mogelijke complicaties/risico's

Mogelijke bijwerkingen van de narcose

Tijdens een narcose krijg je een buisje in je keel, dat helpt om te ademen. Soms heb je daardoor wat keelpijn of klinkt je stem wat anders als je wakker wordt. Dat gaat na een poosje weer over. Door de slaapmedicijnen kun je wat misselijk zijn of moet je overgeven.

Soms kan het even duren voordat je je weer helemaal de oude voelt. Dit is normaal.

Mogelijke bijwerkingen van de scheelziensoperatie

  • Direct na de operatie en vaak ook nog de volgende ochtend is het moeilijk om je ogen open te doen. Dat gaat iedere dag beter.
  • Na de operatie voelt het alsof er een vuiltje in je ogen zit.
  • In een heel enkel geval ziet iemand na de operatie een tijdje dubbel. Dit kan een paar dagen tot twee weken duren. Duurt het langer, neem dan contact op met de orthoptist. Belangrijk is om 1 oog niet dicht te doen.
  • Het kan in het begin zijn, dat je eraan moet wennen, dat je anders kijkt. Dat is logisch, want je was er heel lang aan gewend, dat je oog scheef stond. Voor jou was dat gewoon.
  • Je mag nog niet verwachten, dat je oog gelijk helemaal recht staat. De spieren moeten ook wennen aan de verandering. Na 3 maanden kunnen we pas echt zien of de operatie gelukt is. Af en toe komt het voor, dat er een tweede keer geopereerd moet worden.

Mogelijke complicaties van de scheelziensoperatie

Zelfs wanneer een operatie helemaal goed is gegaan (“volgens het boekje”), kunnen er problemen ontstaan. Zulke problemen noemen we complicaties.

Een bloeding tijdens de operatie
Tijdens de operatie kan een bloeding ontstaan. De dokter verhelpt dit gelijk tijdens de operatie.

Na de operatie

  • Er kan een infectie buiten het oog ontstaan. Hiervoor krijg je antibioticadruppels.
  • Wanneer het oog na enkele dagen roder wordt, in plaats van minder rood, neem dan contact op met de oogarts (0183-64 43 55) of de huisarts (in het weekend).

Mogelijke complicaties van de narcose

Ernstige complicaties door de narcose komen tegenwoordig nog maar heel weinig voor.

Leefregels na de behandeling

  • Tot de vervolgafspraak mag je je oog niet afplakken.
  • Als je een bril hebt, ga je die na de operatie gewoon weer dragen.
  • Als dat afgesproken is, moet je je ogen druppelen.
  • Als dat afgesproken is, moet je oefeningen doen met je oog.
  • Als je het prettig vindt, kun je de eerste dagen na de operatie een zonnebril opzetten als je naar buiten gaat. Dat beschermt je ogen tegen fel licht en tegen stof.
  • De eerste vijf weken na de operatie mag je niet zwemmen of in de zandbak spelen. Je kunt wel gewoon douchen en haren wassen.
  • Na een paar dagen kun je gewoon weer naar school.
  • Je mag twee weken niet gymmen of sporten.

Contact

Wanneer het oog na enkele dagen roder wordt, in plaats van minder rood, neem dan contact op met de oogarts.

Polikliniek oogheelkunde (0183) 64 43 55 of je huisarts (in het weekend).