2 West: Unit Pasgeborenen

De afdeling

Sommige kinderen hebben direct of kort na de geboorte extra zorg nodig. Het kan zijn dat uw kind te vroeg geboren is of te licht van gewicht. Soms is de geboorte moeilijk geweest of heeft uw kind een infectie of moeilijkheden met de ademhaling. Ook kan uw kind geel zien en moet hij of zij daarvoor onder een speciale lamp liggen. Deze extra zorg en behandeling kan niet op de kraamafdeling of thuis gegeven worden. Uw kind kan dan worden opgenomen op de unit pasgeborenen van de Kinder- en Jeugdafdeling van het Beatrixziekenhuis. De verpleegkundigen en artsen die op deze unit werken, zijn gespecialiseerd in het verzorgen en behandelen van te vroeg geboren of zieke kinderen.

Wie werkt er?

  • Kinderarts (en arts-assistent, co-assistent)
    De medische zorg berust bij kinderartsen.
  • Kinderverpleegkundige
    De verpleegkundige zorg is in handen van kinderverpleegkundigen. Wij streven ernaar om zoveel mogelijk dezelfde verpleegkundige voor uw kind te laten zorgen gedurende een aantal dagen.
  • Kinderfysiotherapeut
    Naast het maken van de motoscopie wordt de hulp van de kinderfysiotherapeut ook ingeroepen als uw kind bijvoorbeeld erg onrustig is of zich teveel overstrekt. De kinderfysiotherapeut geeft adviezen om het kind rustiger te krijgen en het strekken zoveel mogelijk te voorkomen.
  • Logopedist
    Een kind dat langdurig sondevoeding krijgt, leert soms niet om zijn mondje goed te gebruiken. Mondspelletjes, die ouders/verzorgers met het kind kunnen doen, maken de overgang van sondevoeding naar orale voeding makkelijker. Dit gebeurt in overleg met de logopedist.
    Wanneer kinderen moeite hebben met het drinken (borstvoeding, fles) komt de logopedist meekijken en adviezen geven. Ook bij erg te vroeg geboren kinderen is de logopedist betrokken.
  • Kinderpsycholoog
    De kinderpsycholoog heeft een gesprek met u als uw kind erg klein is, lang in de couveuse word verpleegd of andere bijzonderheden heeft. In dit gesprek kunt u uw ervaringen bespreken en voorlichting krijgen over de ontwikkeling en het gedrag van uw kind in de eerste periode dat u thuis bent. Er zal altijd aan u voorgesteld worden om een gesprek te hebben, maar u mag het natuurlijk ook zelf aangeven bij de verpleegkundige.
  • Lactatiekundige
    De lactatiekundige geeft advies bij borstvoeding.

Verblijf op de afdeling

Opname

De opname van uw kind is meestal een onverwachte gebeurtenis. Het is dan ook begrijpelijk als u bezorgd en onzeker bent, nu uw kind in het ziekenhuis ligt en niet thuis is. Gedurende de opname van uw kind zet het team van de afdeling zich in voor uw kind en voor u. Dit doen wij met alle ons ten dienste staande middelen. Niet alleen met kennis en kunde, maar ook met gevoel, begrip en medeleven.

Boven alles heeft uw kind u nodig. Het contact tussen ouders/verzorgers en het kind is heel belangrijk, juist nu uw kind nog zo klein is en ziek. Uw kind heeft liefde en aandacht nodig en die kunt u het beste geven. Veel ouders/verzorgers vinden het moeilijk om hun kind voor het eerst aan te raken of op schoot te nemen. Dat is normaal, uw kind is klein en kwetsbaar. Wij helpen u deze drempel te overwinnen zodat u en uw kind zo dicht mogelijk bij elkaar kunnen zijn.

U zult begrijpen dat we, om de organisatie van de afdeling zo goed mogelijk te kunnen laten verlopen, een aantal regels moeten hanteren. Wij staan echter altijd open voor uw persoonlijke wensen. Mochten er dus bepaalde dingen zijn die u anders wilt zien, laat het ons dan weten. In onderling overleg kunnen we bekijken of het mogelijk is de omstandigheden aan te passen aan uw persoonlijke situatie. Het is in ons aller belang dat het contact tussen u en ons soepel en open verloopt. Met deze informatie hopen wij hieraan een bijdrage te leveren.

Overplaatsing

Het gebeurt regelmatig dat een kind uit een academisch ziekenhuis wordt overgeplaatst naar ons ziekenhuis. Uw kind hoeft minder intensief bewaakt te worden omdat het beter met hem of haar gaat. Dit kan voor u een spannend moment en soms ook even wennen zijn. Er zijn andere verpleegkundigen en andere regels. Er is ook minder apparatuur. De verpleegkundigen helpen u vertrouwd te raken met de afdeling.

Het kan voorkomen dat we uw kind een andere plaats geven op de afdeling zonder dat we u daarop hebben kunnen voorbereiden. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als er een nieuw kind wordt opgenomen. U zult hier misschien van schrikken, maar wij kunnen dit helaas niet altijd voorkomen.

De afdeling

De unit pasgeborenen heeft zes couveuses, tien wiegen en één voedingsruimte (voor borstvoeding en om moedermelk af te kolven). De temperatuur op deze afdeling is hoger dan normaal. Het voordeel van deze klimaatbeheersing is dat uw kind zich al vrij snel zelf op temperatuur kan houden.
Op het planbord, dat hangt tussen de couveuse- en de wiegenkamer, staat de naam van de verpleegkundige die op dat moment voor uw kind zorgt. Ook op de kamer zelf is op deur te lezen wie er dienst heeft. 

Bij uw kind ligt vaak de daglijst met controles en dergelijke. Hierbij ligt ook het Zorgplan met voedingstijden waarop u als ouder(s)/verzorger(s) aan kunt geven wanneer u uw kind komt voeden en of verzorgen. Hiermee probeert de verpleegkundige dan zo veel mogelijk rekening te houden.

De couveuse

Als u voor het eerst op de afdeling komt, zal het u opvallen dat er op de couveusekamer veel apparatuur rondom uw kind staat. De verpleegkundige zal u uitleggen waar het allemaal voor dient. Vraag wat u niet begrijpt, we leggen het graag nog eens uit.

Wat is een couveuse?

Een couveuse kan beschouwd worden als een tijdelijke vervanging van het moederlichaam. In de couveuse is het lekker warm. Uw kind blijft op temperatuur. Ook de bevochtiging wordt geregeld. Dit geldt in het bijzonder voor kinderen die te vroeg geboren zijn en daarom extra verzorging en bescherming nodig hebben. Zo nodig kan extra zuurstof worden toegediend. De kap van de couveuse is van doorzichtig plexiglas. Daardoor kunnen verpleegkundigen en artsen uw kind goed observeren.

Waarom ligt een kind in de couveuse?

Uw kind:

  • is te vroeg geboren (prematuur);
  • is te licht van gewicht (dysmatuur);
  • heeft ademhalingsmoeilijkheden en heeft daarom extra zuurstof nodig;
  • moet goed geobserveerd worden na een buitengewone bevalling. Bijvoorbeeld vacuümverlossing, tangverlossing, keizersnede;
  • kan zijn lichaamstemperatuur niet op peil houden;
  • heeft een infectie.

Apparatuur

Enkele kinderen hebben de eerste dagen na de geboorte een infuus nodig om medicijnen of extra vocht toegediend te krijgen.

Vaak liggen kinderen aan een monitor om goed op het hart- en ademhalingsritme te kunnen letten. De zuurstofconcentratie wordt gemeten via de zuurstofsaturatiemeter. Als het nodig is, krijgt uw kind extra zuurstof.

Soms hebben kinderen doorlopend voeding nodig of kunnen ze nog niet zelf (alles) drinken. Met behulp van een sonde (voedingsslangetje via de neus) wordt de voeding dan in de maag gedruppeld. Deze manier van voeding geven bespaart uw kind energie; dit heeft onder andere een gunstig effect op de groei.

De mogelijkheid bestaat dat uw kind in de eerste paar dagen geel wordt. Dit kan onder andere komen door onrijpheid van de lever. Soms moet de geelheid (hyperbilirubinaemie) bestreden worden door het kind onder een speciale lichtbak te leggen. Deze behandeling wordt ook wel fototherapie genoemd.

Verzorging en voeding

Uw kind heeft speciale verzorging nodig. Daarom kunt u in het begin soms minder vaak uw kind zelf verzorgen en voeden. De verpleegkundige overlegt met u wanneer u uw kind borstvoeding of de fles kunt geven, kunt verschonen of baden.

Met de verpleegkundige bespreekt u ook de mogelijkheden van borstvoeding. De verpleegkundige laat u daarnaast de voedingstijden weten. Op het Zorgplan dat veelal bij de couveuse of wieg van uw kind ligt, kunt u in overleg met de verpleegkundige die uw kind verzorgt, aangeven welke tijdstippen u het beste uitkomen. De afdeling houdt daar dan zoveel mogelijk rekening mee.

Soms is uw kind te klein om al borstvoeding te drinken, begint u dan zo snel mogelijk met afkolven, bijna altijd mag uw kind namelijk de afgekolfde moedermelk hebben.

Op de afdeling zijn folders te vinden over afkolven en over het geven van borst- en flesvoeding.

In de voedingsruimte op de afdeling kunt u rustig kolven. Aan de verpleegkundige van de afdeling kunt u een kolfsetje vragen. Vraagt u de verpleegkundige om uitleg over het apparaat. Indien u nog op de kraamafdeling ligt, krijgt u daar de begeleiding met betrekking tot het afkolven. Ook kunt u naast uw kind op de kamer zelf kolven. Net wat voor u het meest prettig is.

De kinderen op onze afdeling hebben behoefte aan veel zorg en daarvoor zijn veel verpleegkundigen nodig. Ouders/verzorgers krijgen dus te maken met veel verschillende verpleegkundigen. Wij streven naar een goede continuïteit in de zorg, daarom is tijdens elke dienst één verpleegkundige verantwoordelijk voor de directe verpleegkundige zorg van uw kind. Zij of hij verstrekt u de informatie over uw kind als u langskomt of opbelt. De verpleegkundigen werken in drie diensten: een dag-, avond- en nachtdienst. Tijdens alle diensten kunt u informatie krijgen over uw kind. U vraagt dan naar de verpleegkundige die op dat moment voor uw kind zorgt of kijk op het planbord.

Het is vanzelfsprekend dat u uw kind mag aanraken. In overleg met de verpleegkundige die voor uw kind zorgt, kunt u uw kind een schone luier omdoen, het mondje schoonmaken met een vochtig gaasje, eventueel de lipjes invetten en temperaturen. Uiteindelijk kunt u steeds meer zelf doen. In het begin kan het eng zijn om uw kind aan te raken of te verzorgen. Dat is niet raar. Vertel waar u mee zit, wij helpen u graag.

U kunt altijd hulp vragen bij de verzorging van uw kind. Met al uw vragen kunt u bij de verpleegkundige terecht.

Het is fijn als u op bezoek komt tijdens de voedings-/verzorgingstijden. Uw kind krijgt dan tussendoor zoveel mogelijk rust. Vraag de verpleegkundige die voor uw kind zorgt de verzorgingstijden van uw kind. Deze staan ook vermeld op het al eerder genoemde Zorgplan.

In overleg met de verpleegkundige mag u uw kind op schoot nemen of buidelen, ook wel kangoeroeën genoemd. Bij het buidelen wordt het kind tegen moeders, vaders of verzorgers blote borst aangelegd. Daar overheen komt uw kleding of een molton. Alleen het hoofdje van het kind komt er nog bovenuit. Op deze manier bent u zo dicht mogelijk bij elkaar. Advies is om minimaal een uur met uw kind te kangeroeën. Download de folder over kangoeroeën voor meer informatie.

Of uw kind gewassen kan worden in de couveuse of al in bad mag kan de verpleegkundige inschatten. U mag uw kind zelf in bad doen, de eerste keren zal een verpleegkundige u hierbij helpen.

Als de toestand van uw kind dat toelaat, kan hij of zij eigen kleertjes aan. In de couveuse zal dit enkel gaan om een katoenen rompertje. Wanneer uw kind overgaat van de couveuse naar de wieg, dient er naast de romper ook een pakje/broekje en truitje aanwezig te zijn.

U kunt een knuffelbeestje of speeltje meenemen om in de couveuse van uw kind neer te zetten. Een geurdoekje is ook altijd welkom. In verband met de hygiëne dient dit item 1 keer per week gewassen te worden op een heet wasprogramma.

De wiegenkamer

Op de wiegenkamer liggen kinderen die:

  • uit de couveuse komen en voor ze naar huis mogen nog zorg nodig hebben, bijvoorbeeld om te groeien of te leren drinken;
  • geobserveerd worden bij voedingsproblemen, bijvoorbeeld veel spugen;
  • geel zien en ‘fototherapie’ krijgen;
  • een infectie hebben, waarvoor ze antibiotica toegediend krijgen via een infuus.

Verzorging en voeding

Ouders mogen altijd, zo nodig onder begeleiding, hun kind zelf verzorgen, baden en voeden. Wanneer de ouders er niet zijn neemt een verpleegkundige de verzorging over.

Ouders kunnen op het Zorgplan aangeven wanneer ze hun kind komen voeden, baden en/of kangoeroeën. Download de folder over kangoeroeën voor meer informatie.

Dagboek

Als de opname enige tijd duurt, raden wij u aan een dag- of plakboek bij te houden over uw kind. Hierin kunt u foto's en andere dingen bewaren die de moeite waard zijn. Ook kunt u in het boek bijhouden hoe het met uw kind gaat, hoe uw kind groeit, wanneer u een flesje geeft enzovoort. De verpleegkundige kan, als daar tijd voor is, in het dagboek momenten van uw kind noteren en opschrijven hoe het gaat met de verzorging, de voeding enzovoort.

Foto's en video

U mag altijd foto's en video-opnamen maken van uw kind. In verband met de privacy van de andere kinderen en van de medewerkers, vragen wij u alleen opnamen te maken van uw eigen kind.

Onderzoeken

Voor uw kind gelden een aantal routineonderzoeken:

  • hielprik of neonatale screening: In de eerste week na de geboorte van uw kind worden enkele druppels bloed afgenomen uit de hiel van uw baby. In een laboratorium wordt het bloed onderzocht op een aantal zeldzame, maar ernstige ziektes. Als die ziektes op tijd opgespoord worden, zijn ze te behandelen. Bij dit onderzoek geldt: geen bericht, goed bericht.
  • motoscopie: van bijna alle kinderen die in de couveuse hebben gelegen of die op een andere manier speciale zorg vragen wordt een "motoscopie" (motorisch ontwikkelingsonderzoek) gemaakt. Dit is een test waarbij gekeken wordt hoe uw kind beweegt en wat de kwaliteit van de bewegingen is.

De De kinderfysiotherapeut onderzoekt, op verzoek van uw kinderarts, de motorische ontwikkeling van pasgeborenen en zuigelingen. Hiervoor komen pasgeborenen in aanmerking die:

  • die te vroeg geboren zijn;
  • met een te laag geboortegewicht;
  • die een moeilijke start hadden.

Zo nodig krijgen de verpleegkundigen en ouders adviezen over hoe het kind gedragen of vastgehouden moet worden. Bij een poliklinische controle wordt vaak nog een keer gekeken hoe het met de kwaliteit van de bewegingen is gesteld.

Inlichtingen en spreekuur

Alleen aan de ouders/verzorgers worden inlichtingen gegeven over de toestand van uw kind. U kunt daarvoor zowel bij de verpleegkundigen als bij de zaalarts (arts-assistent) terecht. Natuurlijk kunt u de hele dag, maar ook 's nachts bellen met de unit pasgeborenen. Het telefoonnummer is (0183) 64 44 63.

Iedere morgen, met uitzondering van de dinsdag, komt de kinderarts of arts-assistent bij uw kind kijken en maakt eventueel nieuwe afspraken. Op dinsdag is er multidisciplinair overleg (=MDO) waarin alle kinderen besproken worden door de kinderartsen samen met alle andere disciplines.
Er is altijd een dienstdoend kinderarts die één of meerdere dagen de verantwoordelijkheid heeft over de patiënten.

Uw kinderartsen houden Ouderspreekuur zodat zij net iets meer tijd voor u kunnen nemen dan normaal. Dit Ouderspreekuur verschilt per kinderarts wanneer dit plaatsvindt gedurende de week. U kunt aangeven een afspraak te willen maken bij de verpleegkundige die uw kind verzorgt of via de secretaresse van de Kinder- en Jeugdafdeling, telefoonnummer (0183) 64 44 63.

Alle verpleegkundige gegevens worden vastgelegd in het verpleegkundig dossier. U kunt dit dossier altijd inzien of samen met de verpleegkundige doornemen.

Bezoek

Ouders/verzorgers zijn de belangrijkste personen voor uw kind. Hij of zij heeft uw aandacht nodig. Daarom mag u altijd uw kind komen opzoeken, zowel overdag als 's nachts. Bellen kan natuurlijk ook.

Voorzorgsmaatregelen

Voor een bezoek aan de afdeling moeten voorzorgsmaatregelen genomen worden. U wordt verzocht uw jas op de gang te hangen. Het is er erg warm, houdt u daar rekening mee. De verpleegkundige legt u uit hoe u uw handen moet wassen en desinfecteren en verzoekt u ringen, armbanden en horloges vooraf af te doen. Deze zijn een bron van infectie en scherpe randjes beschadigen het kinderhuidje snel. Als u verkouden of koortsig bent, maar ook als u een pijnlijke keel, een koortslip of een geïnfecteerde vinger heeft, moet u dat de verpleegkundige laten weten, zodat overlegd kan worden of het bezoek verantwoord is. Deze maatregelen gelden natuurlijk ook voor bezoek, dat door u geïnformeerd is hierover.

Laat geen waardevolle spullen achter op de gang. Uw mobiele telefoon mag mee de kamer op, maar wel gelieve de stil-modus te gebruiken. Het ziekenhuis is niet aansprakelijk voor verlies of diefstal van uw eigendommen.   

Voor overig bezoek gelden de volgende regels:

  • broertjes of zusjes mogen als derde persoon mee op bezoek komen. U moet wel zeker weten dat ze niet ziek zijn en niet in contact zijn geweest met kinderziektes zoals waterpokken, mazelen of de bof. Bezoek van andere kinderen onder de 12 jaar is helaas niet toegestaan.
  • bezoektijden voor het overige bezoek: dag van geboorte de hele dag tot 20.00 uur. Daarna van 14.30 – 20.00 uur en in het weekend extra van 10.30 – 11.30 uur.
  • er mogen maximaal twee personen, waar onder altijd één van de ouders/verzorgers bij uw kind zijn.
  • neem niet iedere dag iemand mee, dan bent u ook eens alleen met uw kind.

NB Denk er aan dat kinderen snel ziektes op elkaar overbrengen. Heerst er bij u thuis, op school of in de buurt: mazelen, waterpokken, rode hond, de bof, geelzucht, braken of diarree? Heeft uw kind uitslag of rode vlekjes? Is uw kind verkouden, heeft het keelpijn of is het snotterig, dan mag het niet mee naar binnen. Twijfelt u er aan, overleg dan eerst met de verpleegkundige.

Een kind dat op bezoek komt, doet veel indrukken op die het vervolgens moet verwerken. Probeer van tevoren in te schatten of uw kind hiertoe in staat is. Voor broertjes en zusjes is er daarnaast nog de couveusekoffer die het kind de mogelijkheid geeft om thuis de situatie rondom het nieuwe broertje of zusje in het ziekenhuis na te spelen. Vraag hierom bij de verpleegkundige of pedagogisch medewerker.

Videosysteem

Wanneer u de eerste dagen na de bevalling niet uit bed kunt en op de afdeling Verloskunde ligt, mag u met bed naar de unit pasgeborenen komen. Als u niet of nauwelijks naar de unit kunt komen, is er in veel gevallen de mogelijkheid om door middel van een camerasysteem vanuit uw bed op de afdeling Verloskunde of thuis naar uw kind te kijken.

Privacy

Om de privacy van (andere) ouders/verzorgers en kinderen te kunnen waarborgen, vragen wij u tijdens het bezoek bij uw eigen kind te blijven. Wilt u om deze reden ook alleen uw eigen kind aanraken en dergelijke.

Bij calamiteiten (onverwachte opnames en dergelijke) kunnen wij u vragen de zaal te verlaten, wij vragen uw begrip hiervoor.

Naar huis of andere zorg

De arts of verpleegkundige vertelt u wanneer uw kind naar huis kan. Voor het ontslag vertelt de verpleegkundige u hoe vaak en hoeveel u uw kind moet voeden en hoe u eventueel de voeding klaar moet maken. U krijgt een folder met adviezen mee naar huis; hierin kunt u alles nog eens nalezen.
Indien uw kind in de couveuse heeft gelegen, kunt u soms gebruik maken van Couveuse Nazorg: u krijgt dan een paar uur per dag hulp van de kraamzorg. Ook bieden wij u de mogelijkheid om gebruik te maken van rooming-in (voor het ontslag zorgt de moeder 24 uur voor haar kind). Met eventuele vragen kunt u dan terecht bij de verpleegkundige.
Let op! Afhankelijk van uw verzekering kunnen er kosten verbonden zijn aan deze rooming-in. Vraag dit vooraf na om niet voor verrassingen achteraf te komen te staan.

U krijgt een afspraak voor controle op de polikliniek mee (het Farmaceutisch Steunpunt regelt de afhandeling van een eventueel recept voor medicijnen en speciale voeding).

Als uw kind naar huis mag, ontvangen de ouders een overdracht voor de wijkverpleegkundige en de huisarts. De wijkverpleegkundige brengt in de eerste weken na thuiskomst een bezoek aan u en uw kind.

Mocht u, eenmaal thuis, nog vragen hebben over voeding of verzorging, dan kunt u contact opnemen met de verpleegkundige van onze afdeling.

Contactgegevens

Als er nog vragen zijn die niet beantwoord worden, stelt u deze dan gerust.

Wij begrijpen dat u als ouder/verzorger van een couveusekind of ziek kind een moeilijke tijd doormaakt. Er bestaat een vereniging van ouders van couveusekinderen. U kunt altijd contact met hen opnemen wanneer u over uw ervaringen of problemen wilt praten, of wanneer u vragen heeft.

Vereniging Ouders van Couveusekinderen
www.couveuseouders.nl

Vereniging Kind en Ziekenhuis
www.kindenziekenhuis.nl

Borstvoedingorganisatie La Leche League
www.lalecheleague.nl

Literatuur

Ik heb een zusje, maar ik mag alleen naar haar kijken
Dick Bruna/Richard de Leeuw/Maarten Sign
Een kinderboek over couveusekinderen voor broertjes en zusjes

Te vroeg geboren
Richard de Leeuw/Lilian Dekker
Naast medische informatie over zwangerschap, geboorte, couveuse-periode en eventuele gevolgen voor het kind later, wordt verteld naar aanleiding van de belevingen van ouders/verzorgers.

Opgroeien na de couveuse
Een uitgave van de Vereniging Ouders van Couveusekinderen

Vanuit de couveuse de wereld in
Zita van der Heyden
Antwoorden op vragen van ouders/verzorgers van een couveusekind.

Tot slot

Aan het eind van de opname krijgt u een enquêteformulier mee, waarop u uw mening over de afdeling en de behandeling van uw kind kwijt kunt. Wij willen graag van u weten wat u van het ziekenhuis en onze afdeling vindt, waardoor wij nog beter op uw wensen in kunnen spelen. Schroomt u daarom niet om op het enquêteformulier ook uw eventuele klachten te vermelden. Het geeft ons de mogelijkheid om zaken die minder goed lopen te verbeteren.

Bronvermelding

Met dank aan het Academisch Ziekenhuis Rotterdam-Sophia en het Albert Schweitzer ziekenhuis.

Route

U vindt afdeling 2-West, Kinder- & Jeugdafdeling (inclusief Unit pasgeborenen) op de tweede verdieping van het Beatrixziekenhuis.

  • Wanneer u de lift uit komt, loopt u linksaf naar afdeling 2-West
  • Vanuit het trappenhuis is het rechtsaf naar de afdeling