3 Oost: Cardiologie

De afdeling

Gemengde verpleging

Op de afdeling cardiologie wordt gemengd verpleegd. Dat betekent dat zowel mannen als vrouwen op een kamer kunnen liggen. Als u hiertegen bezwaar heeft, kunt u dat bij de verpleegkundige kenbaar maken.

Verschillende medewerkers

Tijdens uw verblijf op de afdeling proberen wij u zoveel mogelijk met dezelfde medewerkers te verplegen. Door de wisselende diensten zult u echter met meerdere mensen te maken hebben. Op uw kamer hangt een whiteboard. Hierop vindt u de naam van uw verpleegkundige, de nurse practitioner of arts-assisent en de cardioloog die aanspreekpunt is. Ook op het planbord, bij de balie, kunt u zien welke verpleegkundige verantwoordelijk is voor uw verzorging.

Niet tevreden?

De medewerkers van de afdelling proberen u zo goed mogelijk te behandelen, te verzorgen en te begeleiden. Toch kan het zijn dat u niet helemaal tevreden bent. Bespreek in dit geval uw klacht eerst met degene die de klacht heeft veroorzaakt of met de afdelingsleidinggevende. In overleg kan een oplossing voor het probleem worden gevonden.

Wie werkt er?

Naast verpleegkundigen werken er op de afdeling:

Cardiologen

Op de afdeling werken vijf cardiologen. De cardiologen werken afwisselend twee weken als kliniek-cardioloog. Deze cardioloog loopt dan die weken overdag visite. Hij is het aanspreekpunt. Het is dus mogelijk dat u in het ziekenhuis niet uw 'eigen' cardioloog spreekt. De cardiologen werken echter nauw samen en stellen elkaar steeds op de hoogte.

Als u op de naam van de specialist klikt, verschijnt meer informatie over de betreffende cardioloog:

Arts-assistenten

Een arts-assistent is een afgestudeerd arts. Tijdens uw opname of polikliniekbezoek wordt u vaak door de arts-assistent behandeld. Arts-assistenten werken nauw samen met de specialist. De specialist is eindverantwoordelijk.

Teamleider

De teamleider is de eindverantwoordelijke op de afdeling.

Nurse practitioners

De afdeling heeft een nurse practitioner die verantwoordelijk is voor een gedeelte van de afdeling. Een nurse practitioner is een verpleegkundig specialist die is opgeleid om een aantal medische handelingen uit te voeren. Dit zijn standaard handelingen binnen vaste richtlijnen. De nurse practitioner heeft zowel medische als verpleegkundige kennis. Hij/zij brengt uw klachten in kaart, verricht lichamelijke onderzoeken en regelt de onderzoeken die u verder nodig hebt.

Afdelingsassistenten

Afdelingsassistenten zorgen voor de hygiëne op de afdeling en worden zo nodig bij de patiëntenzorg betrokken, bijvoorbeeld bij het opmaken van de bedden en het ondersteunen bij eten en drinken.

Leerling-verpleegkundigen

Leerling-verpleegkundigen worden opgeleid tot verpleegkundigen. Zij werken onder begeleiding van een gediplomeerd verpleegkundige.

Afdelingssecretaresses

Afdelingssecretaresses verrichten administratieve werkzaamheden, bijvoorbeeld het aanvragen van onderzoeken.

Voedingsassistenten

Maaltijden en dranken worden verzorgd door de voedingsassistenten.

Gastvrouwen

De gastvrouwen zijn verantwoordelijk voor de bloemen en bibliotheek en zij helpen 's avonds met de verzorging van uw maaltijd en dranken.

Daarnaast kunt u desgewenst naar een maatschappelijk werkster of geestelijk verzorgster vragen.

Verblijf op de afdeling

Wat neem u mee tijdens uw opname in het ziekenhuis?

Voor een goede verzorging en begeleiding bij uw herstel en of revalidatieproces, is het zinvol als de volgende artikelen aanwezig zijn:

  • eigen medicijnen;
  • nachtkleding, kamerjas;
  • ondergoed;
  • schoenen en pantoffels;
  • sokken, kousen;
  • zeep, shampoo;
  • tandenborstel, tandpasta;
  • kam, borstel;
  • deodorant.

Indien van toepassing:

  • scheerapparaat, mesjes en zeepbril;
  • gehoorapparaat;
  • rollator, loopstok of rolstoel.

Dagindeling

De ochtenduren zijn voornamelijk gevuld met de dagelijkse verzorging van patiënten.

  • Tussen 07.15 en 9.00 uur worden uw medicijnen uitgedeeld en worden uw controles gedaan.
  • Tussen 8.00 en 9.00 uur wordt het ontbijt geserveerd.
  • Rond 10.00 uur komt de voedingsassistente langs met onder meer koffie, thee en frisdrank.
  • Tussen 10.00 en 12.00 uur vindt het spreekuur (de 'visite') plaats in een aparte ruimte op de afdeling. Het spreekuur vindt 's morgens tussen 10.00 en 12.00 uur plaats in een aparte ruimte op de afdeling. De cardioloog, nurse practioner of arts-assistent en de verpleegkundige bespreken tijdens dit spreekuur samen met u de bijzonderheden en het beleid rond uw opname. U kunt het vergelijken met een spreekuur bij de huisarts. U heeft de mogelijkheid om het spreekuur twee keer per week te bezoeken. Afhankelijk van uw kamer waar u verblijft kunt u op maandag en vrijdag of op dinsdag en donderdag terecht. Dit kunt u zien op het whiteboard op uw kamer.
  • De broodmaaltijd wordt geserveerd om 12.00 en 12.30 uur, rond deze tijd worden ook weer medicijnen uitgedeeld.
  • Rond 14.30 uur komt de voedingsassistente langs met koffie, thee en frisdrank.
  • Om 16.30 uur worden opnieuw medicijnen uitgedeeld. De warme maaltijd wordt geserveerd tussen 17.00 en 18.00 uur.
  • Tussen 18.30 en 19.30 uur komt de voedingsassistente langs met koffie, thee en frisdrank.
  • Tussen 20.00 en 22.30 uur komt de verpleegkundige bij u langs om uitleg te geven over onderzoeken en behandelingen. Tevens worden er controles gedaan en worden de medicijnen uitgedeeld.
  • Tijdens de nachtdienst gaat een aantal werkzaamheden gewoon door, wij proberen u daarbij zoveel mogelijk niet te storen. Toch zal het wel eens voorkomen, hiervoor vragen wij begrip.

Telemetrie

Op de afdeling worden bij sommige patiënten hun hartritme bewaakt door middel van telemetrie. De patiënt draagt daarvoor een zender om de hals of om het middel. Door deze zender wordt het hartritme op een monitor zichtbaar. Hieronder kunt u lezen wat dat precies betekent.

Hoe werkt telemetrie

De zender die om uw hals of middel hangt, is verbonden met zes elektroden die op uw borst zijn geplakt. Deze elektroden sturen signalen van uw hart naar de zender. De zender stuurt op zijn beurt de signalen door naar de monitor. Deze monitor staat achter de balie. Uw hartritme wordt geobserveerd door gespecialiseerde verpleegkundigen.

Wat te doen bij klachten

Als u klachten heeft zoals

  • benauwdheid;
  • pijn op de borst;
  • zwart zien;
  • hartkloppingen;
  • overslaan van hartritme et cetera,

moet u direct de verpleegkundige van uw afdeling waarschuwen door middel van de patiëntenbel. De verpleegkundige zal uw hartritme tijdens de klachten bekijken. Bovendien kan uw bloeddruk gemeten worden en kan er een elektrocardiogram (hartfilm) gemaakt worden. Het is absoluut noodzakelijk dat u uw klachten direct meldt! Na vijf of tien minuten is niet meer nauwkeurig na te gaan welke klacht bij welk hartritme hoort.

Wassen (douchen) bij gebruik van telemetrie

Wilt u gaan douchen, overleg dan eerst met de verpleegkundige. Zij besluit of u tijdelijk van de telemetrie af mag. De verpleegkundige koppelt u dan los. Na het wassen wordt de telemetrie weer aangesloten door de verpleegkundige.

Beperkte bewegingsruimte in verband met de telemetrie

U mag zich op de gehele afdeling 5 Oost begeven en in de ruimte bij de liften. Deze ruimten zijn uitgerust met antennes. De antennes geven de signalen van de zender door naar de telemetrie-afdeling. In de rest van het ziekenhuis werkt de zender niet. Mocht u toch naar een ander deel van het ziekenhuis toe willen, overleg dit dan met de verpleegkundige.

Alarmen

Soms hoort u op de afdeling een piep en/of bromgeluid. Dit is afkomstig van de telemetrie monitor. De verschillende geluiden/tonen die u hoort heeft te maken met het soort alarm dat afgaat.

Kerkdienst

Als u met een telemetrie-zender wordt bewaakt, mag u op zondag niet naar de kerkdienst.

Bezoek

Op de afdeling cardiologie kunt u bezoek ontvangen van 14.30 tot 17.00 uur en van 18.30 tot 20.00 uur. In het weekend is er een extra bezoekuur van 11.00 tot 12.00 uur. Omdat de meeste patiënten veel rust nodig hebben, zijn er slechts twee bezoekers per patiënt toegestaan. Wij verzoeken het bezoek dan ook dringend hieraan medewerking te verlenen.

Voor familieleden die gebruik maken van de parkeergarage bij het Beatrixziekenhuis, is een uitrijkaart beschikbaar. Die kaart kost 2 euro per dag. Als een patiënt langere tijd in het ziekenhuis moet verblijven, dan kan er bij de verpleging een uitrijkaart voor een week worden aangevraagd. Die weekkaart kost 10 euro.

Naar huis of andere zorg

Na uw verblijf op afdeling Cardiologie, mag u binnenkort naar huis. U vindt hier een lijst met adviezen voor thuis ('Leefregels'). Dit overzicht is opgesteld naar aanleiding van veelgestelde vragen.

Wanneer mag ik weer autorijden?

Na een dotterbehandeling zonder complicaties: na ongeveer een week
Na een infarct: vier weken na het infarct
Na een operatie zonder ernstige complicaties: zes weken
Na een ICD (Implanteerbare cardioverter defibrillator) die niet afgaat: privé-verkeer na twee maanden
beroepsverkeer, of het nu vracht- of personenvervoer is, is verboden na een ICD-implantatie.
Na een reanimatie: ter beoordeling van uw arts

Kan ik taxivergoeding krijgen?

Of u een taxivergoeding van uw ziektekostenverzekering kunt krijgen en onder welke voorwaarden, is per verzekering verschillend. Als u bijvoorbeeld na reanimatie of ICD-implantatie voor langere tijd geen auto meer mag rijden, kunt u eventueel bij de gemeente taxivergoeding aanvragen of een kortingspas voor de Molenhopper. Voor meer informatie over de Molenhopper, zie folder en www.molenhopper.nl.

Wat moet ik doen als mijn medicijnen op zijn?

Neem contact op met uw huisarts voor een herhalingsrecept. U dient uw medicijnen volgens voorschrift in te nemen tot dat de arts zegt dat u er mee mag stoppen.

Wat moet ik doen als ik last heb van bijwerkingen?

Ook in het geval van bijwerkingen neemt u contact op met uw huisarts. Hij/zij kan nagaan welk medicijn de veroorzaker zou kunnen zijn. Misschien is er iets anders aan de hand, zoals een infectie.

Wat moet ik doen bij lichamelijke klachten, zoals koorts of een slecht genezende operatiewond?

Wacht niet tot uw controleafspraak bij de cardioloog of chirurg, maar neem contact op met de huisarts.

Wat moet ik doen als ik pijn op de borst krijg?

Als u dezelfde pijn krijgt, als waarmee u opgenomen bent, gaat u rustig zitten en neemt u een tabletje Isordil, Nitroglycerine of een Nitrospray (wat de arts u voorgeschreven heeft) onder de tong.

  • Als de pijn weggaat, is dat prima. Vermeld het wel bij uw volgenden bezoek aan de arts.
  • Als de pijn niet weggaat, kunt u na 15 minuten nog een tabletje nemen. Gaat de pijn dan nog niet weg en betreft het hevige pijn? Bel de huisarts of 112.

Wanneer mag ik weer alcohol drinken?

1 tot 2 glazen alcohol per dag kunnen over het algemeen geen kwaad. Het kan zelfs een beschermende werking hebben tegen het dichtslibben van vaten. Maar in combinatie met diabetes, bloedverdunners en andere medicijnen (zoals bloeddrukverlagers, cholesterolverlagers, slaapmedicatie, kalmeringsmiddelen, pijnstillers) is alcohol af te raden. Raadpleeg uw arts of de bijsluiter. Alcohol heeft een negatief effect op de lever. Het kan de werking van het medicijn versterken of verminderen of extra bijwerkingen geven.

Het dagelijks nuttigen van alcohol (meer dan 2 glazen voor een man en meer dan 1 glas voor een vrouw) is gevaarlijk. Alcohol verhoogt de bloeddruk en het cholesterol. Bij langdurig overmatig gebruik kan het onherstelbare schade toebrengen aan de bloedvaten en hartfalen veroorzaken.

Wanneer mag/moet ik weer werken?

Dat is per patiënt verschillend, omdat geen twee mensen en bijvoorbeeld ook geen twee infarcten hetzelfde zijn. De ARBO-dienst van uw werkgever zal zelf contact met u opnemen. Volgens de wet Poortwachter dienen zij eerst een Probleem Analyse te schrijven en daarna een Plan van Aanpak. Zij dienen informatie in te winnen bij uw cardioloog, maar mogen dat alleen met uw toestemming. De ARBO is in dienst bij uw werkgever en zal aan hem rapporteren, als u daar toestemming voor geeft.

Uiteindelijk is het uw werkgever die het laatste woord heeft in wanneer u weer moet gaan werken, hij zal vaak afgaan op het advies van de ARBO.

Wanneer mag ik weer fietsen?

  • Na een dotterbehandeling of hartkatheterisatie via de lies mag u een week niet fietsen.
  • Na een dotterbehandeling of hartkatheterisatie via de pol, mag u wel fietsen, maar niet zwaar tillen. Na een open hart operatie zoals een klepoperatie of bypass- of omleidingsoperatie mag u in verband met de genezing van het borstbeen 6 weken niet (buiten) fietsen. Het fietsen op een hometrainer kan na 3-4 weken afhankelijk van hoe u zich voelt, rustig aan worden begonnen.
  • Na een infarct raden wij u aan uw activiteiten rustig aan op te pakken en het fietsen na overleg met de fysiotherapie op te pakken.

Wanneer is seks toegestaan?

Iedereen die twee trappen op kan lopen, kan/mag seksueel actief zijn.

Wat als seks problemen oplevert?

Hoewel veel mensen het moeilijk vinden om dit onderwerp ter sprake te brengen, is het wel belangrijk om dat te doen. Het speelt bij veel patiënten. Praat erover met uw partner en uw arts, want seks is niet alleen een lichamelijke activiteit, maar ook een gevoelskwestie. Daarnaast zijn er bepaalde medicijnen die een negatief effect kunnen hebben zowel op het lichamelijk presteren als op gevoelens.

Heb ik als hartpatiënt een dieet en/of leefregels?

  • De allerbelangrijkste is niet roken!
  • Neem uw medicijnen in volgens voorschrift.
  • Wees matig met vet, zout en calorieën.
  • Patiënten met hartfalen: maximaal 1,5 liter drinken en een zoutbeperkt dieet.
  • Bouw uw activiteiten rustig aan op, stop als u moe wordt. Luister naar uw lichaam. Er is geen bezwaar tegen het oppakken van licht huishoudelijk werk of sociale contacten.
  • Dagelijks wandelen. Als dat goed gaat, uitbreiden tot minimaal 30 minuten per dag.
  • Kom uw afspraken op de polikliniek na.
  • Neem deel aan de hartrevalidatie

Contact

Als u vragen heeft, kunt u bellen met de afdeling cardiologie, telefoonnummer (0183) 64 20 58.

Ook kunt u bellen met de hartrevalidatie, telefoonnummer (0183) 64 45 66 of mailen naar hartrevalidatie@rivas.nl.

Contactgegevens

Inlichten over de toestand van de patiënt krijgt de familie in eerste instantie van de patiënt zelf. In overleg met de patiënt wordt bij opname een contactpersoon aangesteld. Informatie wordt in principe aan niemand anders dan de contactpersoon gegeven. Uitslagen van onderzoeken worden niet door verpleegkundige gegeven.

De afdeling is 24-uur per dag telefonische bereikbaar op telefoonnummer (0183) 64 20 58.