Pancreatitis

Wat is pancreatitis?

Pancreatitis is een ontsteking van de alvleesklier (pancreas). Als deze langere tijd duurt, is er sprake van een chronische pancreatitis.

De alvleesklier

De alvleesklier is een buikorgaan met twee belangrijke functies:

  • Aanmaak van stofjes die nodig zijn voor de vertering van vetten, eiwitten en koolhydraten.

Deze stofjes noemen we enzymen en worden door de alvleesklier aan de darm afgegeven, zodra er voedsel in de darm komt. Als onvoldoende pancreasenzymen in de darmen terechtkomen, ontstaan er problemen met de voedselvertering. De ontlasting is bijvoorbeeld vettig, omdat veel vet in de darmen achterblijft. Ook andere noodzakelijke voedingsstoffen, zoals de in vet oplosbare vitamines A, D, E en K worden onvoldoende opgenomen, waardoor tekorten kunnen ontstaan.

  • Aanmaak van de hormonen insuline en glucagon, die nodig zijn voor het reguleren van het bloedsuikergehalte. Bij chronische pancreatitis kan diabetes mellitus (suikerziekte) ontstaan.

Mogelijke oorzaken van pancreatitis:

  • galstenen
  • overmatig alcoholgebruik
  • te hoog triglyceridengehalte van het bloed
  • infecties
  • geneesmiddelen
  • onbekende oorzaak

Klachten van een pancreatitis kunnen onder andere zijn:

  • hevige misselijkheid en braken
  • zweten en koorts
  • (vette) diarree
  • vochtophoping in buik en benen
  • geelzucht

Voeding bij pancreatitis

Sondevoeding

Bij een acute ontsteking of bij een opvlamming van een chronische pancreatitis, is het gebruik van gewoon eten meestal niet mogelijk of gewenst. Door te eten wordt de alvleesklier namelijk extra geprikkeld en nemen de klachten toe. De eerste dagen wordt er meestal gekeken hoe het klachtenpatroon verloopt. Als klachten niet verminderen wordt er bijna altijd gestart met sondevoeding: een vloeibare voeding die alle benodigde voedingsstoffen bevat.
De sondevoeding wordt toegediend via een sonde, die via uw neus wordt ingebracht. Meestal wordt deze sonde voorbij de alvleesklier in de dunne darm geplaatst, zodat de alvleesklier zo min mogelijk wordt geprikkeld. De diëtist geeft advies over de hoeveelheid en soort sondevoeding.

Helder drinken
Naast de sondevoeding is het in de meeste gevallen alleen toegestaan om wat helder drinken te gebruiken. Heldere dranken zijn: water, thee met of zonder suiker, limonade, appelsap, druivensap en bouillon. Drink liever geen runderbouillon en koffie: er zijn namelijk aanwijzingen dat vleesbouillon en koffie prikkelend kunnen werken.

Opbouw normale voeding

Wanneer de klachten afnemen, kan de arts besluiten dat de sondevoeding kan worden afgebouwd en dat u weer mag proberen om gewoon te eten. Als u start met gewone voeding, moet de alvleesklier weer enzymen gaan afgeven.

  • Beperk in eerste instantie de hoeveelheid vet in de voeding. De alvleesklier heeft namelijk de meeste moeite met het maken van enzymen, die zorgen voor de vetvertering. In deze tabel kunt u zien welke producten u het beste bij voorkeur kunt kiezen: download tabel.
  • Het is niet nodig te starten met alleen een vloeibare voeding.
  • Het maakt voor de belasting van de alvleesklier niet uit of er pap of een snee brood wordt gegeten.
  • Gebruik nog geen koffie en drink geen alcoholische dranken.

Verder uitbreiden van de voeding

Indien er geen klachten optreden, mag u de voeding verder uit gaan breiden. De sondevoeding kan dan worden afgebouwd. Als het eten weer helemaal goed gaat, kunt u stoppen met de sondevoeding. Afhankelijk van de oorzaak van de pancreatitis, is alcohol niet, of in beperkte mate, toegestaan. Overleg dit met uw arts.

Ondervoeding

Bij terugkerende ontstekingen van de alvleesklier of bij chronische pijn, kan het zijn dat u in de loop van de tijd gewicht verliest en dat daardoor uw voedingstoestand verslechtert. Gewichtsverlies en een laag gewicht zijn ongunstig voor het verloop van de ziekte. Het is dan verstandig dat u adviezen krijgt voor een energie- en eiwit verrijkt dieet. Soms kan het dan nodig zijn om gebruik te maken van drinkvoeding. Meestal gaat de voorkeur uit naar een drinkvoeding op sap basis, omdat die de minste klachten geeft.

Pancreasenzymen

Pancreasenzymen worden gebruikt als de alvleesklier zelf niet of onvoldoende werkt of is verwijderd. Om het voedsel beter te laten verteren, zijn pancreasenzymen nodig. Deze moet u innemen bij alle maaltijden en tussendoortjes die vet bevatten.
Vetten, eiwitten en koolhydraten bestaan uit lange ketens, die vaak te lang zijn om in het bloed te worden opgenomen en om te worden gebruikt als bouwstoffen en energie. Pancreasenzymen zijn een soort ‘schaartjes’ die de lange ketens in stukjes knippen. Lipasen breken vet af, proteases breken eiwitten af en amylases en cellulases koolhydraten (zie onderstaande tabel).
De meeste middelen werken na een half tot één uur, omdat het dan in het juiste deel van de darmen is terechtgekomen. Het lichaam zal de voeding beter kunnen verteren en opnemen. Hierdoor wordt de ontlasting minder vettig en blijft u beter op gewicht.

Naam enzymproduct per capsule: Voor aantal gram vet:
Pancrease 15 gram
Creon 8-10 gram
Pancrease HL 15-20 gram
Creon Forte 15-20 gram
Panzytrat 15-20 gram

Uw arts en diëtist zullen u adviseren over de dosering van de capsules. Daarnaast geeft uw diëtist u informatie over de hoeveelheid vet in voedingsmiddelen. Met behulp van een voedingswaardetabel kunt u dan berekenen hoeveel vet een maaltijd of voedingsmiddel bevat.

Heeft u nog vragen?

Heeft u nog vragen of is er iets onduidelijk, dan kunt u contact opnemen met uw diëtist van Expertisecentrum Voeding en Leefstijl via het afsprakenbureau op 0183-644229.