Lui oog (amblyopie)

Deze informatie is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw orthoptist. Bijzondere omstandigheden kunnen aanleiding geven tot een andere gang van zaken. Uw orthoptist of oogarts zal dit aan u laten weten.

Wat is…

Een 'lui oog' is een oog, dat zonder aantoonbare afwijking en met de juiste brilsterkte niet goed kan zien. De medische benaming van een 'lui oog' is: amblyopie. Een lui oog kan alleen ontstaan in de periode, dat het scherp zien nog in ontwikkeling is. Dit is ook de enige periode, dat een 'lui oog' nog te behandelen is. Hoe eerder een 'lui oog' ontdekt wordt, hoe eerder het behandeld kan worden, hoe groter de kans is dat een maximale gezichtsscherpte behaald wordt. Meestal is er slechts een van de ogen lui, maar een 'lui oog' kan ook dubbelzijdig voorkomen.
Omdat het belangrijk is, dat een 'lui oog' op jonge leeftijd ontdekt wordt, zijn er in Nederland de periodieke controles bij het consultatiebureau en bij de schoolarts. Bij afwijkende bevindingen stuurt de jeugdarts het kind door naar de orthoptist.

De ontwikkeling van het normale zien

In de eerste maanden na de geboorte ontwikkelt het gezichtsvermogen van een baby zich snel. Deze ontwikkeling wordt gestimuleerd door te kijken. Wanneer een baby geboren wordt ziet hij 'schimmen'. Gedurende de eerste 8-10 levensjaren ontwikkelt de gezichtsscherpte tot 100%. Daarna kunnen er over het algemeen geen verbeteringen van het gezichtsvermogen meer optreden.

Symptomen

Soms merken patiënt en/of ouders zelf het mindere zien van 1 oog op, maar meestal wordt het eerste symptoom door de jeugdarts of huisarts gesignaleerd.

Oorzaken

Een 'lui oog' wordt veroorzaakt door een situatie die de normale ontwikkeling van het zien in de weg staat. Hierbij kunnen ook erfelijke factoren een rol spelen. De meest voorkomende oorzaken zijn:

Brilafwijking

Een 'lui oog' kan optreden wanneer het beeld dat in een oog wordt gevormd onscherp is, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van een brilafwijking die niet of onvoldoende gecorrigeerd is. Dit onscherpe beeld krijgt in de hersenen minder aandacht en wordt min of meer verdrongen. Op den duur kan hierdoor een 'lui oog' ontstaan. Aan zo'n oog is uitwendig niets te zien. Deze vorm van amblyopie is moeilijk op te sporen en komt alleen maar tot uiting bij een zorgvuldig orthoptisch onderzoek.

Scheelzien (de ogen staan dan niet op hetzelfde punt gericht)

Het beeld van het afwijkende oog wordt in de hersenen uitgeschakeld om dubbelzien te voorkomen. Doordat het oog niet meer meekijkt, ontwikkelt de gezichtsscherpte niet en verleert het oog om te kijken. Zo wordt het 'lui' (amblyoop). Het kind kijkt steeds met zijn goede oog.

Organische afwijking in de bouw van een oog

Voorbeelden van een organische afwijking van een oog zijn bijvoorbeeld een hangend ooglid (ptosis) of een aangeboren troebeling van de lens (cataract) of het hoornvlies. Door de troebeling wordt geen scherp beeld gevormd, waardoor het oog / de ogen met een onscherp beeld 'lui' worden.
Een combinatie van bovenstaande punten.