Blokkade van de nervus suprascapularis en nervus axillaris (schouderklachten)

U bent voor schouderpijn en functiebeperking van de schouder door uw orthopedisch chirurg doorgestuurd naar de afdeling pijnbehandeling.

Wat houdt de behandeling van de nervus suprascapularis in?

Er kunnen verschillende oorzaken voor uw schouderklachten zijn, zoals een scheur van de schouderkapselspieren (cuffruptuur), verkalking van de schouder (periartritis humeroscapularis), slijtage (artrose) van het schoudergewricht of door een vastzittende stijve schouder (frozen shoulder).

Bij deze behandeling wordt de grote zenuw van de schouder, de nervus suprascapularis tijdelijk uitgeschakeld, zodat de pijngeleiding via deze zenuw verminderd wordt. Deze zenuw verloopt via een zenuwvlecht uit de hals, via de arm naar het schouderblad en verzorgt voor 70% het gevoel en de bewegingen van de schouder. De resterende 30% kan via een andere zenuw verlopen, de nervus axillaris, die bevindt zich ten behoeve van het bovenste deel aan de achterkant van de bovenarm.

De zenuwen kunnen met behulp van een echoapparaat en tevens door middel van elektrische stimulatie opgezocht worden.

De behandeling

De behandeling wordt poliklinisch verricht. U meldt zich op afdeling C2. Zorg er voor, dat u loszittende kleding draagt voor de behandeling.

Zodra u aan de beurt bent, wordt u naar de behandelkamer gebracht. Door het gebruik van röntgenstralen kan uw begeleider niet bij de behandeling aanwezig zijn. Hij/zij kan wachten in de wachtruimte.

U zit op een stoel met uw schouder ontbloot. De juiste plaats van de blokkade wordt bepaald met behulp van een echo apparaat en deze plaats wordt gemarkeerd. In overleg met u kan er een lokale verdoving gegeven worden. Hierna brengt de pijnspecialist onder röntgendoorlichting de naald op de juiste plaats en wordt er een klein beetje contrastvloeistof ingespoten. De zenuw wordt hierdoor zichtbaar op de röntgenfoto.

Er kunnen twee soorten behandelingen plaatsvinden:

  • Infiltratie van de zenuw
    Op de plaats van de nervus suprascapularis/nervus axillaris krijgt u een injectie met een verdovingsvloeistof en een ontstekingsremmer (corticosteroïd). De verdovingsvloeistof werkt al na enkele minuten en kan 2-12 uur een goede verdoving van de zenuwen geven. De ontstekingsremmer heeft enkele dagen tot weken nodig om optimaal te werken, maar werkt echter langer ( 3-6 maanden).
  • PRF( pulsed radio frequente) stroom behandeling
    De zenuw wordt via de ingebrachte naald gedurende 4-8 minuten behandeld met een zwakke stroom (45Volt). Hierdoor wordt de pijngeleiding van de zenuw sterk afgeremd. Het kan echter 6-8 weken duren voordat het definitieve resultaat bereikt is en beoordeeld kan worden.

Voor de behandeling

Voor een goed verloop van de behandeling zijn de onderstaande voorbereidingen van belang:

  • Als u een verstoorde bloedstolling heeft of bloed verdunnende medicijnen gebruikt, moet u dit melden aan uw specialist. Met enkele bloedverdunners moet u een aantal dagen voor de behandeling stoppen. Uw specialist zal dit met u bespreken.
  • Als u een pacemaker/ICD heeft moet u dit melden aan uw specialist.
  • Als u ziek bent of koorts heeft op de dag van de behandeling moet u de afspraak afzeggen en moet er een nieuwe afspraak gemaakt worden.
  • Als u overgevoelig/allergisch bent voor bepaalde medicijnen, contrastmiddelen of latex, moet u dit voor de behandeling melden.
  • Na de behandeling mag u dezelfde dag niet meer actief aan het verkeer deelnemen. Zorgt u daarom altijd voor begeleiding.

Tijdsduur

De duur van de behandeling is gemiddeld 20-30 minuten afhankelijk van hoe gemakkelijk de zenuw te vinden is met het echoapparaat.

Na de behandeling

  • U mag dezelfde dag niet zelfstandig aan het verkeer deelnemen. U dient er zelf voor te zorgen dat iemand u naar huis brengt.
  • Na de behandeling kunt u de eerste weken een tijdelijke verergering van uw pijnklachten krijgen. U kunt eventueel extra pijnstillers innemen.
  • Het resultaat van de behandeling is pas na enkele dagen tot weken te beoordelen. Het is echter goed mogelijk dat u al eerder een gunstig effect op de pijnklachten bemerkt. In een aantal gevallen is een herhaling of een aanvullende behandeling wenselijk/noodzakelijk.
  • Als de pijn minder wordt kunt u weer starten met uw oefeningen, zelfstandig of m.b.v. een fysiotherapeut. Begin met de oefeningen die niet te belastend zijn of de pijn verergeren. Het is belangrijk om te bewegen en dagelijks te oefenen zodat uw spieren sterker worden.
  • Na ongeveer zes weken wordt u gebeld en zal het resultaat en de eventuele verdere behandeling met u besproken worden.

Mogelijke complicaties/risico's

Elke medische behandeling brengt risico’s met zich mee.

  • Bij elke injectie bestaat er een mogelijkheid op het optreden van een infectie, door steriel te werken is dit risico heel klein.
  • Tijdens de behandeling kunt u tijdens het inspuiten van de medicijnen (extra) pijn ervaren, dit is van korte duur.
  • Na de behandeling kan er napijn optreden. Deze napijn kan enkele dagen aanhouden
  • De eerste 6-24 uur kan de schouder/arm waar geprikt is zwaar aanvoelen. U moet in dat geval de geprikte schouder/arm zoveel mogelijk ondersteunen om te voorkomen dat deze ergens achter blijft hangen. Let er ook op dat u tijdens het slapen niet op die arm gaat liggen.
  • Bij de vrouw kunnen opvliegers optreden en kan de menstruatie korte tijd verstoord worden.
  • De anticonceptiepil is tot de eerstvolgende menstruatie niet betrouwbaar!
  • Bij diabetes patiënten kunnen de bloedsuikerwaarden de eerste dagen verstoord zijn door het ontstekingsremmende medicijn.
  • Ook kan er een allergie voor de ingespoten medicatie optreden.

Contact

Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft, stelt u die dan gerust. U kunt ons op werkdagen tussen 8.30 uur en 16.30 uur bellen.

Telefoonnummer polikliniek pijnbestrijding (0183) 64 2075.

Indien u na de behandeling hinderlijke bijwerkingen heeft of er complicaties optreden, kunt u de eerste 24 uur na de behandeling bellen met de spoedeisende hulp: (0183) 64 44 11.Na de eerste 24 uur kunt u uw huisarts bellen of contact opnemen met de huisartsenpost.