Kijkoperatie (arthroscopie) van de knie

De behandeling

De bedoeling van een arthroscopie is de diagnose beter te kunnen stellen en in veel gevallen is ook de behandeling via de arthroscopie te doen. De meeste arthroscopiën zijn van het kniegewricht. Arthroscopie van de schouder, enkel, elleboog en zelfs de heup worden echter ook regelmatig gedaan.

Verschillende aandoeningen in de knie (zoals meniscusscheuren, losse stukjes bot of kraakbeen, kruisbandscheuren, kraakbeenbeschadigingen en slijmvliesontsteking) kunnen direct gezien worden zonder de knie helemaal open te snijden. Een meniscusscheur (voetbalknie) leent zich bij uitstek voor een arthroscopische behandeling. Alleen het gescheurde deel wordt verwijderd en het intacte deel blijft op zijn plaats. Dit is beter voor het gewricht omdat verwijdering van de gehele meniscus tot slijtage kan leiden.

Losse stukjes kraakbeen en bot kunnen ook door middel van een arthroscopie worden verwijderd. Een kruisbandscheur kan in de meeste gevallen met intensieve oefentherapie worden behandeld. Een kruisband geneest nooit spontaan en als deze eenmaal gescheurd is, blijft dit zo. Een goede spierconditie kan dit probleem vaak goed opvangen. Soms is hiervoor echter een aparte operatie nodig. Beschadigd kraakbeen kan niet worden hersteld. Enig herstel is mogelijk, maar dit gaat zeer langzaam. Bij sommige afwijkingen kan na het stellen van de diagnose tijdens dezelfde operatie meteen de behandeling volgen. Een groot voordeel van arthroscopische operaties is, dat het herstel in het algemeen heel vlot verloopt en dat de knie vrijwel altijd direct na de ingreep weer volledig belast mag worden.

Voor de behandeling

Voor uw opname in het ziekenhuis bezoekt u de anesthesist op de polikliniek pré-operatieve screening. Hij brengt uw gezondheid en eventueel medicijngebruik in kaart. Ook krijgt u voorlichting over de verdoving en over de pijnbestrijding na de operatie.

De voorbereiding thuis

Eigen medicijnen: u wordt verzocht om de medicijnen die u gebruikt mee te nemen naar het ziekenhuis.

  • Bodylotion: wilt u de week voor uw opname geen bodylotion meer op uw te opereren been gebruiken? Dit in verband met het ontsmetten van de huid op de operatiekamer.
  • Sieraden: wilt u sieraden en eventueel andere kostbaarheden niet meenemen naar het ziekenhuis.
  • Dieet: onder nuchterheidscriteria kunt u lezen vanaf wanneer u niet meer mag eten en drinken.

Dag van de operatie

Op de ochtend van de operatie moet u zich douchen. In het ziekenhuis meldt u zich op de afdeling die in de brief vermeld staat. De verpleegkundige controleert uw bloeddruk, polsslag en temperatuur. Verder wordt een anamnese afgenomen en wordt de procedure van de dag uitgelegd. Enige tijd voor de operatie kunt u nog even naar het toilet gaan. Hierna krijgt u een operatiejasje aan. Vervolgens wordt u naar de operatiekamer gebracht.

Tijdens de behandeling

De operatie geschiedt over het algemeen onder regionale verdoving (= ruggenprik). Een ruggenprik kan worden gecombineerd met een slaapmiddel, waardoor u weinig of niets van de operatie merkt. Mocht u kiezen voor een ruggenprik, dan bestaat de mogelijkheid om uw operatie op een monitor te volgen.

Tijdens de operatie wordt een dun kijkertje (arthroscoop) via een klein (één centimeter) sneetje aan de voorkant van de knie ingebracht. De kijker wordt aangesloten op een videocamera, die weer verbonden is met een beeldscherm. De kijker wordt tevens aangesloten op een lichtkabel waardoor de binnenkant van het gewricht goed verlicht wordt. Via een aparte aan- en afvoeropening wordt het gewricht voortdurend gespoeld met een zoutwateroplossing. Tijdens de operatie kan een tangetje of schaartje in het gewricht worden gebracht om de ingreep uit te voeren.

Zelden wordt tijdens de operatie besloten om direct een grotere snee in de knie te maken omdat de gevonden aandoening niet met een arthroscopie te behandelen is. De operatiesneetjes worden afgeplakt met hechtpleister en afgedekt met gaas en verband.

Tijdsduur

De ingreep duurt ongeveer een half uur.

Na de behandeling

Een verpleegkundige belt uw eerste contactpersoon als u terug bent op de afdeling.

  • Dieet: u mag na de operatie weer gewoon eten.
  • Medicijnen: in de meeste gevallen worden de medicijnen die u thuis gebruikt na de operatie weer gestart.
  • Infuus: u heeft een infuus in uw arm. Dit infuus zorgt ervoor dat u voldoende vocht binnen krijgt. Het infuus wordt meestal een aantal uren na de operatie weer verwijderd.
  • Pijnbestrijding: u krijgt zetpillen of tabletten tegen de pijn.
  • Misselijkheid: soms treedt na de ingreep misselijkheid op. Dit kan door middel van medicijnen bestreden worden.
  • De wond: u heeft een drukverband om de knie. Het verband moet drie dagen blijven zitten. Daarna kunt u een pleister gebruiken. Als de wond niet meer lekt, is verband niet meer nodig.
  • Mobiliteit: in overleg met uw behandelend arts kunt u uw werk of sportactiviteiten hervatten. Hiervoor zijn geen vaste regels.
  • Douchen en baden: drie dagen na de operatie kunt u weer gewoon douchen.

Meestal gaat u dezelfde dag naar huis.

Uitslag

Bij uw ontslag krijgt u een afspraakkaartje mee voor een controlebezoek bij de orthopedisch chirurg. Twee tot zes weken na de operatie moet u op de polikliniek terugkomen.

Mogelijke complicaties/risico's

Bij elke operatie kunnen complicaties optreden. Bij arthroscopie komt dit gelukkig zelden voor. Complicaties kunnen zijn:

  • langdurige en forse zwelling,
  • bloeding in de knie
  • heel zelden: gewrichtsontsteking,
  • heel soms ontstaat een trombosebeen. Er is dan een bloedstolsel gevormd dat een ader in het been verstopt. Ter voorkoming hiervan wordt soms Fraxiparine gegeven.

Leefregels na de behandeling

  • het verband moet drie dagen blijven zitten. Daarna kunt u een pleister gebruiken;
  • drie dagen na de operatie kunt u weer gewoon douchen. Na het douchen moet de wond goed drooggemaakt worden en kunt u er een pleister opdoen;
  • u mag bij het lopen uw geopereerde been belasten;
  • u moet dagelijks buig- en strekoefeningen doen;
  • in overleg met uw behandelend specialist kunt u uw werk of sportactiviteiten hervatten. Hiervoor zijn geen vaste regels;
  • eventuele hechtingen worden tijdens het controlebezoek bij de orthopedisch chirurg of door uw huisarts verwijderd;
  • de ontslagbrief voor de huisarts wordt elektronisch verstuurd en is al aangekomen voordat u het ziekenhuis verlaat.

Pijnmedicatie

De zorgprofessional geeft aan welke medicijnen u nodig heeft

  • Zo nodig 2x 7.5 mg. Meloxicam, tablet of zetpil per 24 uur
  • Zo nodig 6x 500 mg. Paracetamol, tablet of zetpil per 24 uur
  • Zo nodig 4x 1000 mg. Paracetamol, tablet of zetpil per 24 uur
  • Zonodig ____x____mg Paracetamol, tablet of zetpil per 24 uur
  • ...................................................................................................

afspraak

U krijgt een afsprakenkaartje mee voor een controlebezoek bij de orthopedisch chirurg.

Contact

In de volgende gevallen dient u met de behandelend specialist contact op te nemen:

  • als de hele knie dik wordt en/of meer pijn gaat doen;
  • als u niet meer op het been kunt staan, terwijl dit tevoren goed mogelijk was

Na de operatie kunt u bij vragen of problemen contact opnemen via onderstaande telefoonnummers:

  • tot 20.00 uur: Afdeling Dagbehandeling (0183) 64 47 52
  • na 20.00 uur: Spoedeisende Hulp (0183) 64 44 11
  • tijdens kantooruren: Secretariaat Orthopedie (0183) 64 42 55

Vanaf 24 uur na uw ontslag uit het ziekenhuis kunt u contact opnemen met uw eigen huisarts.