Blaassteen verwijderen (Cystolithotrypsie)

De behandeling

U bent opgenomen in het ziekenhuis voor het verwijderen van een blaassteen (cystolithotrypsie). De uroloog zal proberen de blaassteen te vergruizen en met behulp van een buisje (scoop) te verwijderen. Hij doet dit via de plasbuis, zodat u na de operatie geen uitwendige operatiewond hebt.

 

Voor de behandeling

Voor de operatie

  • Op de polikliniek pre-operatieve screening heeft u de anesthesioloog bezocht. Uw gezondheid en eventueel medicijngebruik wordt in kaart gebracht. U krijgt voorlichting over de verdoving en de pijnbestrijding na de operatie. De anesthesioloog spreekt, als u dat wilt, slaapmedicatie af voor de nacht voor de ingreep en rustgevende medicatie op de dag van de operatie.
  • Bent u niet op de polikliniek pre-operatieve screening geweest, dan komt de anesthesioloog bij u langs en informeert u over de verdoving en pijnbestrijding.
  • De dag voor de operatie mag u gewoon eten en drinken.

Dag van de operatie

  • De verpleegkundige maakt u wegwijs op de afdeling en begeleidt u naar uw kamer.
  • Het ontharen van het operatiegebied gebeurt op de operatiekamer.
  • U moet nuchter zijn, tenzij anders is afgesproken. Zie hiervoor de nuchterheidscriteria.
  • Enige tijd voor de operatie kunt u nog even naar het toilet gaan.
  • U krijgt een blauw operatiejasje aan. Vervolgens krijgt u een slaaptablet, als dit is afgesproken met de anesthesist. Meestal wordt u daar slaperig van. Even later wordt u naar de operatiekamer gereden.

Tijdens de behandeling

Via de plasbuis wordt een buisje ingebracht waardoor de steen door middel van geluidsgolven verwijderd kan worden of met behulp van een grijpertje vergruisd.

Na de operatie gaat u voor enige tijd naar de uitslaapkamer. Daar wordt u aangesloten op bewakingsapparatuur voor verschillende controles. Zodra de controles goed zijn, wordt u teruggebracht naar de afdeling. De verpleegkundige belt uw contactpersoon als u terug bent.

Na de operatie krijgt u een injectie ter voorkoming van trombose. U krijgt dit vanaf nu elke avond totdat u voldoende in beweging bent.

Na de behandeling

  • U heeft een infuus in uw arm. Het infuus wordt meestal dezelfde dag nog verwijderd.
  • Als u een ruggenprik heeft gehad, zijn uw benen de eerste uren na de operatie nog gevoelloos. Dit gevoel komt langzaam terug.
  • Op de avond van de operatie mag u weer normaal eten.
  • U heeft een blaaskatheter. Dit is een slang die in uw blaas zit om de urine weg te laten lopen. Op de katheter is een spoelsysteem aangesloten, die de blaas met spoelvloeistof schoonspoelt. Het spoelen gaat meestal door tot de volgende morgen. Afhankelijk van de kleur van de spoelvloeistof spreekt de arts af of het spoelsysteem afgekoppeld kan worden en de katheter verwijderd.
  • Nadat de katheter verwijderd is, kan het enkele uren duren voordat u moet urineren.
  • Als u misselijk bent of pijn heeft, vertel dit dan aan de verpleegkundige. In overleg met de arts, kunt u hier medicijnen tegen krijgen.
  • De uroloog komt twee keer per dag bij u langs, behalve in het weekend.

Als het urineren goed gaat, kunt u de volgende dag naar huis. Bij uw ontslag krijgt u een afspraakkaart mee voor een controlebezoek op de polikliniek.

Ontslag vanuit de kliniek:
Voor vragen kunt u binnen 72 uur na uw ontslag tussen 08.00 uur en 17.00 uur bellen met polikliniek Urologie (0183) 64 42 65 en buiten kantoortijden met de verpleegafdeling Urologie (0183) 64 30 14.

Contact

Als u na het lezen van deze pagina nog vragen heeft, stelt u deze dan aan de verpleegkundige. U kunt bellen naar het secretariaat urologie via telefoonnummer (0183) 64 42 65 of de Lingepolikliniek in Leerdam via telefoonnummer (0345) 61 35 46. Wij zijn iedere werkdag bereikbaar van 8.00 tot 12.30 en van 13.30 tot 16.30 uur.