Aambeien

De behandeling

Als de klachten ondanks maatregelen en leefregels voortduren, is behandeling nodig. De zwakke plek moet worden weggehaald zodat de klachten verdwijnen.

Omdat de bekende klachten ook kunnen voorkomen bij andere afwijkingen van de endeldarm of de anus, is onderzoek nodig. Als door pijn het onderzoek onmogelijk is, kan het onder plaatselijke verdoving of algehele narcose worden uitgevoerd.

Bij het lichamelijk onderzoek bekijkt de chirurg de omgeving van de anus en de anus zelf. Het anale kanaal en het begin van de endeldarm onderzoekt de chirurg met de vinger en met een kijkbuisje (inwendig onderzoek). Soms is aanvullend onderzoek nodig.

Uw behandelend arts zal met u bespreken welke onderzoeken nodig zijn en op welke manier behandeld gaat worden.

Poliklinische ingreep

  • In de meeste gevallen worden aambeien poliklinisch behandeld. De aambeien worden dan met rubber bandjes afgebonden. Het slijmvlies sterft daarna binnen zeven tot tien dagen af en het wondje geneest met een littekentje;
  • Bij poliklinische behandeling is geen verdoving of narcose nodig. Er kan bij en na de behandeling een onaangenaam gevoel optreden. Dit gevoel is vergelijkbaar met een onaangenaam gevoel van aandrang. Het houdt over het algemeen één tot twee dagen aan. De ernst van de klachten is afhankelijk van de grootte van het behandelde oppervlak. Een warm bad of douche kan de klachten verminderen. De meeste patiënten hebben geen pijnstillers nodig.
  • Om harde ontlasting en persen te voorkomen, is het belangrijk na de behandeling extra vezels of laxeermiddel te gebruiken en veel te drinken (minimaal twee liter per dag).

Operatieve ingreep

  • Een operatie met ziekenhuisopname is voor aambeien nog maar zelden nodig. Het komt alleen nog voor bij heel grote pijnlijke afwijkingen.
  • Bij de operatie wordt de spanning van een deel van de kringspier meestal onder algehele narcose onderbroken.
  • Grote aambeien worden chirurgisch verwijderd en de wond wordt gehecht. Soms wordt een inwendig verband voor 24 uur gegeven.

Na de behandeling

Net als voor de operatie kunnen na de operatie klachten worden voorkomen en verzacht met bepaalde maatregelen en leefregels.

Poliklinische ingreep

  • Bij meer dan de helft van de patiënten is het resultaat na de eerste poliklinische behandeling goed. Als er een sterke verzakking van de aambeien is, kan een tweede of derde poliklinische behandeling nodig zijn.
  • Het anale kanaal is na een poliklinische behandeling meestal binnen drie tot vier weken genezen. Een patiënt ervaart over het algemeen nauwelijks problemen. De normale dagelijkse activiteiten kunnen na één of twee dagen worden hervat.
  • Het resultaat van de behandeling wordt gecontroleerd. U krijgt hiervoor een afspraak

Operatieve ingreep

  • Na een operatieve ingreep moet de wond natuurlijk regelmatig verzorgd worden. Als u thuis verbandmateriaal nodig heeft, wordt dit doorgegeven aan uw apotheek.
  • Eenmaal thuis moet u nog 14 dagen laxeermiddelen gebruiken. Dit wordt vanuit het ziekenhuis doorgegeven aan uw apotheek.
  • Als u in het ziekenhuis zitbaden kreeg voorgeschreven, moet u hiermee ook thuis doorgaan. Na ongeveer 14 dagen, als de wond goed droog is, mag u stoppen met de zitbaden. Als u last hebt van een moeilijke stoelgang, gebruik dan vooral vezelrijk voedsel.
  • Na één tot drie weken komt u voor controle terug op de polikliniek. Op basis van eventueel resterende klachten krijgt u daarna nog een afspraak.
  • Na opname en behandeling onder narcose duurt het herstel langer.

Mogelijke complicaties/risico's

Bij elke ingreep is er een kans op complicaties. Zo zijn er ook bij deze ingrepen de gangbare complicaties als nabloedingen en wondinfectie.

Poliklinische ingreep

  • Omdat de ingreep gedaan wordt in bloedvatrijk gebied (de anus) kan na de behandeling bloedverlies optreden. Ook kan bloedverlies optreden als het rubber bandje de endeldarm verlaat. Het korstje gaat dan namelijk van de wond. Als er meer bloedverlies lijkt op te treden dan een kopje vol, neem dan contact op met het ziekenhuis. Soms is directe behandeling bij de Spoedeisende Hulp dan nodig.
  • Als gevolg van een ontsteking op de behandelingsplaats kan kortdurend wat temperatuurverhoging optreden.

Operatieve ingreep

  • Ook bij operaties bestaat de kans op nabloedingen. Soms wordt bij nabloedingen op de afdeling nog een extra hechting geplaatst. Soms is het nodig dat u terug gaat naar de operatiekamer om onder narcose nog een keer bekeken te worden.
  • Het inknippen van een deel van de sluitspier heeft op het ophouden van de ontlasting nauwelijks invloed. De behandeling kan wel een vermindering geven van de onbewuste controle van winden en/of diarree. Dat betekent dat de sluitspier bewust aangespannen moet worden, terwijl dat voorheen moeiteloos en bijna onbewust ging. Meestal is dit verlies van onbewuste controle van tijdelijke aard.
  • De eerste ontlasting na de operatie kan pijnlijk en bloederig zijn. Als de ontlasting door laxeermiddelen soepeler is geworden, gaat het allemaal makkelijker. De wonden genezen dan ook beter.
  • Het operatiegebied kan de eerste dagen na de operatie erg pijnlijk zijn. Hiervoor worden pijnstillers voorgeschreven.

Contact

Deze pagina is ingegaan op de oorzaak en klachten van aambeien en de meest gebruikelijke behandelingsmethoden. Als u na het lezen van deze pagina nog vragen heeft, stelt u deze dan gerust aan uw arts.