UPPP (Uvulo-palato-pharyngo-plastiek)

© Medical Visuals

Bij de meeste mensen wordt snurken of slaapapneu veroorzaakt door een te nauwe doorgang van de neusholte naar de keelholte. Een slaapendoscopie kan dit aantonen. Bij een slaapendoscopie wordt er in een korte narcose gekeken middels een scoop ( is een slangetje met aan het einde een camera) via de neus om te zien op welke plek een vernauwing ontstaat. Om de te nauwe doorgang te verruimen kan  een deel van de huig , het gehemelte en eventueel de nog aanwezige keelamandelen worden verwijderd. Deze uitgebreide operatieve ingreep heet een UPPP.

Voor de behandeling

Onderzoek voor de operatie (pre-operatieve screening)

U bezoekt voor uw opname in het ziekenhuis de polikliniek pre-operatieve screening de anesthesist. Hij of zij brengt uw gezondheid en eventueel medicijngebruik in kaart. Ook krijgt u voorlichting over de verdoving en over de pijnbestrijding na de operatie.
Een normale bloedstolling na de operatie is van groot belang. Daarom mag u voorafgaand aan de ingreep geen bloedverdunnende middelen gebruiken. Deze middelen zorgen ervoor dat het bloed minder goed of geheel niet stolt. Het gaat hierbij met name om pijnstillers die acetylsalicylzuur bevatten (zoals Aspirine, Acetosal, Ascal etc.). Wanneer u wordt begeleid door de trombosedienst en dus antistolling gebruikt, moet u dit absoluut melden aan de behandelend Keel, Neus-en Oorarts en de anesthesist. Eveneens moet u vermelden of er in uw familie aangeboren bloedstollingsstoornissen voorkomen.
Na het bezoek aan de anesthesist heeft u een gesprek met een verpleegkundige. De verpleegkundige noteert degegevens die van belang zijn voor uw behandeling in het ziekenhuis. U krijgt aanvullende informatie over de operatie en instructies voor de opname.

Voorbereiding thuis

U wordt verzocht om de medicijnen die u gebruikt mee te nemen naar het ziekenhuis. In de folder Anesthesie staat vanaf wanneer u niet meer mag eten en drinken. U heeft deze ontvangen bij uw bezoek aan de anesthesist of de informatie is via het online cliëntenportaal MijnRivas toegekend. Middels uw DigiD kunt u op dit portaal inloggen en zo de toegekende folders inzien. Op de ochtend van de operatie moet u zich thuis douchen.

Tijdens de behandeling

Voor de operatie wordt u opgenomen op afdeling 1 Zuid/D1: dagbehandeling. De ingreep vindt onder narcose plaats op de operatiekamer. De operatie gebeurt via de mond en er is later geen uitwendig litteken zichtbaar. Tijdens de operatie wordt een klein stukje van het zachte gehemelte verwijderd en het voorste en achterste gedeelte wordt aan elkaar gehecht. De huig wordt meestal ingekort zodat deze ’s nachts niet meer tegen de achterwand van de keel aankomt. Als het snurken mede veroorzaakt wordt door de keelamandelen worden deze ook verwijderd.

Tijdsduur

De ingreep duurt ongeveer 45 minuten.

Na de behandeling

Na de behandeling gaat u naar de uitslaapruimte waar gedurende de eerste uren intensieve bewaking en controle plaatsvinden. Als uw lichamelijke conditie stabiel is, gaat u terug naar de afdeling Dagbehandeling van het Beatrixziekenhuis.

  • Een verpleegkundige belt eerst uw contactpersoon als u terug bent op de Dagbehandeling.
  • Na de operatie is het belangrijk dat u goed drinkt. Bij voorkeur koude dranken om de pijn wat te verlichten. Deze klachten zijn tijdelijk.
  • In de eerste week na de operatie ie er meestal nog geen verschil merkbaar in het snurken  of de apneu. Als de zwelling weg is en de wond genezen is, is de doorgang ruimer. U zal daardoor niet meer snurken of last hebben van apneus.
  • Over het algemeen heeft u twee weken nodig om thuis te herstellen na de operatie. Verricht gedurende twee tot drie weken geen lichamelijke inspanning vanwege een klein risico op een nabloeding.
  • In de meeste gevallen worden de medicijnen die u thuis gebruikte na de operatie weer gestart.
  • U heeft na de ingreep een infuus in uw arm. Dit infuus zorgt ervoor dat u voldoende vocht binnen krijgt. Het infuus wordt meestal verwijderd als u voldoende drinkt, geplast heeft en als de controles van de pols en de bloeddruk stabiel blijven.
  • Direct na de ingreep heeft u pijn in de keel en moeite met slikken. De pijn kan uitstralen naar de oren. Dit gaat over in de loop van twee weken. Veel koud water drinken is belangrijk en kan de pijn verlichten. Daarnaast krijgt u zetpillen tegen de pijn. Probeer het schrapen van de keel te voorkomen.
  • Soms treedt na de ingreep misselijkheid op. Dit kan door medicatie bestreden worden.

Meestal komt er na de operatie wat vers bloed uit de keel. Ook kan donker bloed worden gebraakt. Dit is oud bloed dat tijdens de operatie in de maag terecht is gekomen. Soms kan er ook een beetje bloed uit de neus lopen. Dit komt doordat de slang waarmee u tijdens de narcose in slaap werd gehouden via de neus is ingebracht.
U mag dezelfde dag uit bed. Na de operatie mag u weer douchen en baden.

Mogelijke complicaties/risico's

  • De ingreep is pijnlijk. Ongeveer een week na de operatie wordt vaak de meeste pijn ervaren. De pijn kan ook uitstralen naar de oren. Na twee weken is de wond nagenoeg genezen.
  • Er bestaat een kans op nabloeding. Wanneer dit direct na de ingreep ontstaat, kan de KNO-arts ervoor kiezen het wondgebied na te kijken op de operatiekamer onder narcose. Eventuele bloedende vaatjes worden dan (opnieuw) dichtgebrand. De KNO-arts kan er ook voor kiezen u daarna een nachtje te laten blijven.
  • Ook een week na de operatie kan nog een nabloeding optreden. Wanneer u veel bloed opspuugt, mag u altijd contact opnemen. Stop in dat geval met eten of drinken zodat u zo snel mogelijk nuchter bent voor een eventuele heroperatie. De KNO-arts kijkt nu na in het ziekenhuis en beslist of een eventuele heroperatie nodig is.
  • Wanneer u hoge koorts krijgt na de operatie of benauwd wordt, mag u altijd contact opnemen met de polikliniek KNO of de Spoedeisende Hulp. In theorie zou er wat bloed de longen in kunnen lopen na de ingreep en zou een longontsteking kunnen ontstaan.
  • De hechtingen in de mond kunnen mogelijk losraken. Dit is meestal niet erg. We wachten het volledige herstel dan gewoon af.
  • De eerste dagen na de operatie ervaren de meeste patiënten een veranderde, bittere of metaalachtige smaak. Bij acht procent van de aan hun keelamandelen geopereerde patiënten is die smaakverandering na een half jaar nog aanwezig. De smaakverandering duurt zelden langer dan een jaar.

Leefregels na de behandeling

  • Dag van de operatie: koude heldere en dikke dranken. U kunt hierbij denken aan ijsjes, koude heldere dranken zonder koolzuur en eventueel vla of yoghurt.
  • Dag na de operatie: gemalen voedsel
  • Daarna mag u weer eten wat u gewend bent. De eerste drie dagen na de operatie raden we af om koolzuurhoudende dranken en te warme dranken te drinken en om harde/scherpe voedingsmiddelen (bijvoorbeeld stokbrood, chips) en banaan of tomaat te eten. Dit doet pijn.

Nacontrole

Na ongeveer 6 weken ziet de behandelend specialist u ter controle.

Contact

Neem bij klachten en vragen contact op met het ziekenhuis.

  • Polikliniek KNO heelkunde (kantoortijden) 0183-64 42 36
  • Afdeling Dagbehandeling (tot 20.00 uur) 0183-64 47 52
  • Spoedeisende Hulp (na 20.00 uur) 0183-64 44 41 / 0183 64 44 12