Fluorescentie-angiografie (FAG)

Tijdens het onderzoek worden de bloedvaten van het netvlies (retina) en het erachter liggende vaatvlies (chorioidea) in het oog met een contrastvloeistof beter zichtbaar gemaakt. Deze contrastvloeistof wordt via een infuus in uw arm toegediend. De vloeistof licht op wanneer zij met licht van een bepaalde kleur (golflengte) wordt beschenen. Het onderzoek gebeurt niet met röntgenstralen, maar met gewoon licht. De gebruikte contrastvloeistoffen zijn niet radioactief.

Het doel van een fluorescentie-angiografie is het stellen van de diagnose en/of het mogelijk maken van de behandeling. De fluorescentie-angiografie wordt voornamelijk gebruikt om mogelijke afwijkingen aan het netvlies, de macula en/of de bloedvaten in het oog in beeld te brengen.

Voor het onderzoek

In verband met een goede doorstroming van de vloeistof in de vaten van de arm, vragen wij u geen strakke bovenkleding te dragen.

Het contrastonderzoek kan kleine risico's met zich mee brengen. Om de kans op risico's te verkleinen, vragen wij u de bijgevoegde vragenlijst in te vullen. De lijst bevat vragen die betrekking heeft op uw gezondheid. Lever de ingevulde lijst in tijdens uw bezoek de assistente. Zonder de ingevulde lijst kan het onderzoek niet plaatsvinden.

Wanneer u weet dat u een allergie heeft voor natriumfluoresceïne, dient u dit voorafgaand aan het onderzoek telefonisch te melden bij poli oogheelkunde maandag t/m vrijdag 08:00 – 16:30 uur telefoonnummer (0183) 644357.

Voorbereiding op het onderzoek
Voor het maken van een fluorescentie-angiogram is het nodig dat uw pupillen verwijd zijn. U krijgt hiervoor twee keer, met een tussenpauze van ongeveer 15 minuten, pupilverwijdende druppels in uw ogen. Het duurt ongeveer 30 minuten voordat de druppels werken. Hierna kan met het onderzoek worden gestart.

Fundusbeeld zonder contrastvloeistof.

Fundusbeeld 40 seconden na toevoegen contrastvloeistof.

Tijdens het onderzoek

Tijdens het onderzoek rust uw hoofd op een kinsteun van het apparaat. De fotograaf maakt enkele voorbereidende foto's. Vervolgens zal de verpleegkundige een kleine hoeveelheid contrastvloeistof in een bloedvat in uw arm spuiten. De fotograaf begint gelijktijdig met foto's maken met een speciale (fundus)camera. Na ongeveer 10 seconden heeft de vloeistof het oog bereikt en wordt per seconde een foto gemaakt. Daarna worden de tussenpozen tussen de opnamen groter. De vaten van het netvlies en het vaatvlies lichten hierdoor op.

De contrastvloeistof natriumfluoresceïne laat de oppervlakkige netvliesvaten zien. Het nemen van de foto's duurt 5 tot 10 minuten.

Het totale onderzoek, inclusief het inwerken van de oogdruppels, duurt ongeveer 45 minuten. De uitslag van het onderzoek krijgt u van de oogarts.

Na het onderzoek

Door de verwijde pupillen en de felle verlichting tijdens het onderzoek, kan het zicht enkele uren wat minder zijn. Wij adviseren u om de eerste twee uur na het onderzoek niet zelf auto te rijden.

Door de natriumfluoresceïne kan de huid en het oogwit na afloop van het onderzoek wat geel van kleur zijn. Deze verkleuring verdwijnt snel. De kleurstof wordt door de nieren uitgescheiden, waardoor de urine wat anders van kleur is. U hoeft zich hierover geen zorgen te maken. Een enkele keer kunt u last hebben van misselijkheid, dit verdwijnt snel.

Valpreventie
Na het druppelen kan het zijn dat u minder goed ziet met het gedruppelde oog. Dit kan de kans op vallen vergroten.