Chalazion (behandeling)

Deze folder informeert u over de behandeling van een chalazion. Het is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw oogarts.

Voor de behandeling

Het is belangrijk dat u bij uw huisarts/oogarts meldt of u bloedverdunnende medicijnen gebruikt, omdat dit gevolgen heeft voor uw behandeling. Acetylsalicylzuur (Aspirine), Carbasalaatcalcium (Ascal) of Clopidogrel (Plavix) kunt u zonder problemen blijven gebruiken. Bij gebruik van andere bloedverdunnende medicijnen zoals Acenocoumarol of Fenprocoumon moet u dit doorgeven aan uw oogarts. Neemt u bij ieder bezoek aan het Beatrixziekenhuis een actueel medicatieovericht mee, dit kan belangrijk zijn voor uw behandeling. Dit overzicht kunt u afhalen bij uw eigen apotheek.

Als u probeert zwanger te worden of zwanger bent, is het belangrijk dat u dit van tevoren aangeeft. De poliklinische behandeling mogen wij dan namelijk niet uitvoeren. Wel kunnen we u adviezen geven over hoe u zelf het chalazion thuis kunt behandelen.

Tijdens de behandeling

Op de dag van de behandeling meldt u zich in het Beatrixziekenhuis bij de polikliniek Oogheelkunde. Wanneer u zich heeft gemeld zal een spreekuurassistente samen met u een aantal gegevens controleren: uw geboortedatum, allergieën en welk oog behandeld wordt. De oogarts zal u binnen roepen in de behandelkamer. Uw huid wordt gedesinfecteerd en u krijgt een verdovingsdruppel in het oog. De oogarts geeft u een plaatselijke verdoving door middel van een injectie.

Deze wordt geplaatst aan de buitenkant en aan de binnenkant van het ooglid. Nadat de verdoving enige minuten is ingewerkt, wordt het ooglid met een klemmetje naar buiten gedraaid. Daarna wordt een klein sneetje gemaakt en de inhoud van de bobbel wordt verwijderd. Wanneer de inhoud van de bobbel eruit is, wordt het klemmetje van uw ooglid verwijderd. Omdat het sneetje aan de binnenkant van het ooglid wordt geplaatst, worden er geen hechtingen geplaatst en zult u geen litteken zien. Daarna krijgt u een drukverband op uw oog.

Na de behandeling

Na de behandeling wordt u begeleid naar de wachtkamer. De spreekuur assistente verwijdert na 15 minuten het drukverband en vervolgens kunt u weer naar huis. Het is mogelijk dat u na het verwijderen van het drukverband een korte tijd wazig ziet. Wij raden u daarom aan een begeleider mee te nemen. U hoeft niet terug te komen voor controle, tenzij de oogarts u anders vertelt.

Resultaten

De bobbel kan na de behandeling nog enige tijd zichtbaar zijn. Dit verdwijnt meestal vanzelf. Wanneer het chalazion binnen zes weken nog niet verdwenen is, kunt u een nieuwe afspraak maken bij de spreekuurassistente van de polikliniek oogheelkunde.

Een chalazion kan eenmalig voorkomen, maar het kan ook zijn dat op een andere plek in het ooglid een chalazion ontstaat. Een nieuwe chalazion kan op dezelfde manier worden behandeld, maar hiervoor is een nieuwe doorverwijzing van uw huisarts/oogarts nodig.

Mogelijke complicaties/risico's

Enkele dagen na de ingreep kan uw ooglid nog pijnlijk aanvoelen. Dit is normaal. U mag tegen de pijn paracetamol innemen (geen aspirine). Door de injectie en het klemmetje kunt u een ‘blauw oog’ oftewel een bloeduitstorting in het ooglid krijgen. Dit is onschuldig, maar kan wel een week zichtbaar zijn.

Leefregels na de behandeling

De eerste 24 uur mag u niet wrijven in het oog, omdat de kans op nabloeden aanwezig is. Mocht er toch een nabloeding ontstaan, neem dan een schone doek en druk dit gedurende 10 minuten tegen het ooglid, zodat het bloeden stopt.

Contact

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen of opmerkingen heeft, dan kunt u contact opnemen met de polikliniek Oogheelkunde.