Baarmoederfoto (HSG)

Het onderzoek

Een baarmoederfoto is een radiologisch onderzoek. Het heeft tot doel om de doorgankelijkheid van de eileiders te testen. Ook kunnen eventuele afwijkingen van de vorm van de baarmoeder worden opgespoord. Deze folder informeert u over de gang van zaken van het onderzoek. Ieder mens is echter anders. De gang van zaken kan daarom enigszins verschillen van die van andere patiënten. In het algemeen kunt u verwachten dat het onderzoek zal verlopen volgens deze beschrijving.

Er is een aantal risicofactoren van invloed op baarmoeder- en/of eileiderafwijkingen, bijvoorbeeld een doorgemaakte eileiderontsteking of een Chlamydiainfectie. Deze factoren kunnen de vruchtbaarheid beïnvloeden. Met een baarmoederfoto, ook wel een hysterosalpingogram (HSG) genoemd, kunnen deze factoren nader onderzocht worden.

Voor het onderzoek

De baarmoederfoto wordt gemaakt op de afdeling radiodiagnostiek. Dit kan het beste plaatsvinden tussen dag 7 en 12 van de menstruatiecyclus. Op de eerste dag van uw menstruatie mag u met de polikliniek gynaecologie bellen voor het maken van een afspraak.

Het is van groot belang dat u op het moment dat de baarmoederfoto gemaakt wordt niet zwanger bent. Een beginnende zwangerschap kan namelijk door het spuiten van het contrastmiddel worden verstoord. Ook mag het onderzoek niet plaatsvinden tijdens bloedverlies.

U mag een uur voor het onderzoek één tablet Naproxen 500mg innemen, dit is een pijnstiller en gaat het samentrekken van de baarmoeder tegen. U kunt dit bij de drogist of apotheek kopen. U mag ook een recept aan de assistente van de polikliniek gynaecologie vragen.

Belangrijk
In de contrastvloeistof zit jodium. Als u hier overgevoelig voor bent, meldt u dit dan aan uw arts.

Tijdens het onderzoek

Meldt u zich vijf minuten voor het afgesproken tijdstip aan de balie van de afdeling radiodiagnostiek. Hierna neemt u plaats in de wachtkamer tot u wordt opgehaald. Nadat u in de kleedkamer de kleding van uw onderlichaam heeft uitgetrokken, wordt u verzocht in de röntgenkamer te komen. Tijdens het onderzoek ligt u op een onderzoektafel. Het onderzoek wordt verricht door de verpleegkundig specialist of gynaecoloog.

Voordat het onderzoek plaatsvindt wordt het onderzoek met u doorgenomen en worden nog enkele vragen gesteld:

  • Wat is de eerste dag van uw laatste menstruatie?
  • Bent u allergisch voor jodium?

U ligt op uw rug op de onderzoektafel, met opgetrokken knieën. Er wordt een spreidertje in de vagina geplaatst om de baarmoedermond zichtbaar te maken. Daarna wordt de baarmoederhals schoongemaakt met Betadinejodium. Via een cupje dat we op de baarmoedermond plaatsen, spuiten we contrastmiddel in. Dit kan even pijnlijk zijn, te vergelijken met menstruatiepijn. Onder röntgendoorlichting wordt vervolgens een afbeelding verkregen van de baarmoederhals, de baarmoeder en de eileiders. Tevens wordt gekeken of de eileiders doorgankelijk zijn. De röntgenopnamen worden gemaakt door de radioloog.

Tijdsduur

Het onderzoek duurt ongeveer 15 minuten.

Na het onderzoek

Na het onderzoek kunt u in principe uw dagelijkse bezigheden weer hervatten. Doordat de baarmoeder tijdens het inspuiten licht uitzet, kan dit wel een menstruatieachtig gevoel geven. Wij raden u daarom aan iemand mee te nemen, die u na het onderzoek kan begeleiden.

Uitslag

Uw eigen gynaecoloog bespreekt de uitslag met u op uw controlebezoek op de polikliniek.

Mogelijke complicaties/risico's

  • Het is mogelijk dat er na het onderzoek nog een restfoto gemaakt moet worden. Er wordt dan gekeken waar het contrastmiddel zich op dat moment bevindt. Het maken van deze restfoto neemt weinig tijd in beslag en is pijnloos.
  • Als er op de foto bepaalde afwijkingen te zien zijn, krijgt u van uw arts een recept mee voor medicijnen. Deze medicijnen hebben ten doel een infectie te voorkomen. Neemt u deze medicijnen in volgens het voorschrift.
  • Neem contact op met uw arts als u binnen ongeveer 5 dagen na het onderzoek koorts krijgt (dit is een temperatuur hoger dan 38 °C).