Haperende vinger (trigger finger)

De behandeling

Het is belangrijk om eerst te achterhalen of een bepaalde handeling of beweging zorgt dat de haperende vinger ontstaat. In dat geval kan het vermijden van die handeling een mogelijke oplossing van uw probleem zijn.

Als uw klachten niet overgaan, kan een haperende vinger behandeld worden met een injectie of met een operatie. Als uw vinger wordt geopereerd, blijft er een klein litteken zichtbaar.

Tijdens de behandeling

Injectie

De plastisch chirurg beoordeelt de ernst van de hapering. Als de hapering niet al te ernstig is, kan eerst geprobeerd worden de ontsteking tot rust te brengen met een injectie in de peesschede. De vloeistof die wordt ingespoten is een ontstekingsremmer (corticosteroïden) en brengt de ontsteking tot rust.

De operatie

De operatie wordt gedaan onder plaatselijke verdoving en duurt ongeveer twintig minuten.

Er wordt een kleine snede gemaakt van ongeveer 1,5 cm aan de binnenzijde van de handpalm.

Het bandje van de peesschede (pulley) van het aangedane deel wordt chirurgisch geopend. Hierdoor ontstaat weer voldoende ruimte voor de verdikte pees.

Vervolgens wordt de huid met hechtingen gesloten en krijgt u een (druk)verband om uw hand en eventueel een mitella.

Na de behandeling

Na de injectie

Enkele dagen na de injectie (soms pas na één week) zullen uw klachten afnemen. U mag uw hand gebruiken, maar moet zware belasting vermijden (vooral in de eerste week na de injectie).

Gedurende enkele maanden zullen uw klachten minder zijn.

Soms keren helaas de klachten na behandeling met een injectie na enkele maanden terug. Als uw klachten langdurig bestaan, de injectie niet het gewenste resultaat oplevert of de klachten terugkeren, raadt de plastisch chirurg u een operatie aan.

Na de operatie

  • Na de ingreep mag u niet zelfstandig autorijden. Zorg ervoor dat er vervoer naar huis geregeld is.
  • Na tien tot twaalf dagen worden de hechtingen verwijderd. U krijgt hiervoor een afspraak mee na de operatie.
  • De mate van napijn is voor iedereen anders. Meestal helpt het om tegen de pijn paracetamol in te nemen.
  • Tijdens het douchen moet u het verband droog houden. Met het verband om uw arm mag u niet sporten of autorijden!
  • Het is belangrijk dat u uw hand regelmatig hoog houdt en uw vingers buigt en strekt. Zo gaat u de zwelling van uw hand en vingers zoveel mogelijk tegen.
  • Het (druk)verband mag u drie dagen na de operatie zelf verwijderen.
  • De huidkleurige pleister op de wond moet blijven zitten totdat de hechtingen verwijderd worden. Met de pleister op de wond kunt u douchen. Het is belangrijk dat u uw hand regelmatig hoog houdt en uw vingers buigt en strekt.
  • De eerste week na de operatie heeft uw arm rust nodig. U mag niet zwaar tillen en geen (belastend) huishoudelijk werk doen.

Herstel en resultaat

  • Gedurende twee weken na de operatie mag u niet zwemmen of sporten.
  • Pas wanneer de wond goed genezen is mag u eventueel weer zwemmen of sporten. Na minimaal zes weken kunt u alles weer stevig vastgrijpen en heeft u meestal geen last/pijn meer.
  • Het duurt minimaal drie maanden voordat het litteken soepel wordt.
  • Een enkele keer is het nodig dat de handtherapeut u nabehandelt. De handtherapeut geeft specifieke therapie/ oefeningen en maakt eventueel een spalkje om de functie van de hand na de operatie snel weer te verbeteren. De plastisch chirurg zal u verwijzen als deze handtherapie nodig is.

Mogelijke complicaties/risico's

Bij iedere ingreep bestaat de kans op complicaties. Bij deze operatie komen complicaties zelden voor. Toch is het van belang dat u ervan op de hoogte bent. Mogelijke complicaties kunnen zijn: bloeding, wondinfectie, zenuw-letsel, langdurige zwelling en stijfheid van de vinger.

Een arts waarschuwen

Het is nodig dat u een arts waarschuwt:

  • Als de wond fors gaat bloeden
  • Bij toenemende pijn
  • Bij optreden van abnormale zwelling
  • Als u koorts heeft boven de 38.5°C
  • Als de pleisters gaan jeuken, ruiken of uitslag veroorzaken
  • Bij ongerustheid

Tijdens kantooruren moet u contact opnemen met de polikliniek Plastische Chirurgie, tel. (0183) 64 46 92.

Buiten kantooruren moet u contact opnemen met Spoedeisende Hulp van het ziekenhuis via het algemene nummer van het Beatrixziekenhuis, tel. (0183) 64 44 44.De Spoedeisende Hulp neemt zo nodig contact op met de dienstdoende plastisch chirurg.

Contact

In deze folder hebben wij u ingelicht over de operatie en de nabehandeling. Een dergelijke beschrijving kan echter nooit volledig zijn. Ook komt deze informatie niet in plaats van een gesprek met uw arts. De plastisch chirurg zal steeds bereid zijn om u persoonlijk één en ander uit te leggen en op uw vragen in te gaan.

Uit deze folder kunt u geen garantie ontlenen betreffende resultaten. Garantie op de resultaten of op een ongestoord beloop kunnen wij u nimmer geven. Complicaties kunnen altijd optreden.

Soms is het noodzakelijk om een aanvullende operatie uit te voeren voor het verkrijgen van een goed eindresultaat.

Als u nog vragen heeft, kunt u telefonisch contact opnemen met de polikliniek Plastische Chirurgie, tel. (0183) 64 46 92.