Atropine oogdruppels bij myopie

De behandeling

De correctie van de myopie bestaat in de eerste plaats uit het voorschrijven van een bril. Bij oudere kinderen kan daarnaast ook voor het dragen van contactlenzen gekozen worden.De negatieve correctie van de bril of de contactlenzen zorgt ervoor, dat het beeld weer scherp op het netvlies wordt afgebeeld. De orthoptist of de oogarts kan met behulp van een druppelonderzoek de brilsterkte exact bepalen. Zolang uw kind in de groei is, zal dit regelmatig worden gedaan. De snelheid van toename van de brilsterkte verschilt sterk van kind tot kind, maar aanpassing van de bril of contactlenzen zal van tijd tot tijd nodig zijn om scherp te kunnen blijven zien.

De behandeling van mijn kind met Atropine
Bij uw zoon of dochter is een progressieve vorm van myopie waargenomen. Tot voor kort waren hiervoor geen behandelmogelijkheden. Echter, recente studies  hebben laten zien, dat atropine oogdruppels een remmend effect hebben op de lengtegroei van het oog. 

Wanneer bij uw kind door de orthoptist of de oogarts toenemende myopie is vastgesteld, zal mogelijk geadviseerd worden om te starten met deze Atropine oogdruppels. 

Eerst zal de brilsterkte met oogdruppels en (indien nodig) de lengte van het oog bepaald worden. 

In onze kliniek schrijven wij de Atropine 0.01% oogdruppels voor, deze geven minder bijwerkingen dan hogere doseringen. De druppels worden in beiden ogen toegediend 1 maal daags 1 druppel voor het slapen.

De tijdsduur van het gebruik van atropine is per kind verschillend en heeft te maken met wanneer de groei, en dus de toename van de myopie, stopt.

Door het gebruik van atropinedruppels zal de myopie niet verdwijnen, maar het doel is dat een grote toename van de myopie wordt geremd.

Uw kind zal dus niet van de bril of contactlenzen afkomen, maar zal eindigen met een minder hoge eindsterkte.

Mogelijke complicaties/risico's

Een van de werkingen van Atropine is pupilverwijding en ontspanning van de inwendige scherpstel (accommodatie) spieren van het oog. Omdat er een hele lage concentratie (0.01%) van de atropine gebruikt wordt, zal uw kind daar nauwelijks tot niets van merken. De pupil zal ook maar minimaal verwijden, zodat er geen hogere mate van lichtgevoeligheid zal ontstaan.<o:p></o:p>

Algemeen lichamelijke bijwerkingen komen bij minder dan 1% van de behandelde kinderen voor en kunnen bestaan uit rode ogen, koorts, huiduitslag, snelle hartslag, droge mond en gedragsstoornissen. Als een van deze bijwerkingen zich voordoet, moet de behandeling worden gestopt.

Meer informatie

Voor vragen kunt u terecht bij de polikliniek Oogheelkunde van het Beatrixziekenhuis. Telefonisch te bereiken op 0183-644357.