Gewrichtsbescherming

De behandeling

Het doel van gewrichtsbescherming is te voorkomen dat gewrichten beschadigen of beschadigde gewrichten nog verder achteruitgaan. Op deze pagina's staan zes adviezen ('Leefregels') die toegepast kunnen worden, als u een gewrichtsontsteking heeft, maar ook als u die niet heeft. Door uw gewrichten te beschermen kunt u beschadiging en/of achteruitgang zoveel mogelijk beperken.

Leefregels na de behandeling

1. Belast uw gewrichten niet in de uiterste stand

Veel gewrichten kunnen ver buigen of strekken; ze staan dan in hun achterste stand. Als u bijvoorbeeld uw armen omhoog en naar achteren doet, komt uw schoudergewricht in de uiterste stand te staan. In deze uiterste standen zijn uw gewrichten echter extra kwetsbaar. Er komt dan veel druk op uw gewricht te staan, de banden worden ver uitgerekt en de spieren moeten zich extra aanspannen om de gewrichten goed op hun plaats (stabiel) te houden. Probeer daarom een uiterste stand van het gewricht te voorkomen en zoek de meest stabiele stand. U kunt dit doen door zo min mogelijk te rekken en te strekken. Zo kunt u bijvoorbeeld met de knieën iets gebogen staan in plaats van ze helemaal te strekken. Als u iets van een hoge plank moet pakken, ga dan niet op uw tenen staan, maar gebruik een keukentrapje. Vermijd wring- en draaibewegingen van uw handen, zoals met schillen van aardappels met een mesje. Uw pols- en vingergewrichten komen hierdoor in de uiterste standen te staan en worden zwaar belast.

2. Voorkom piekbelasting

Bij een plotselinge beweging kan er ineens veel kracht op een gewricht komen te staan; dit noemt men piekbelasting. Voorbeelden zijn: snel opstaan uit een stoel of snel een trap opgaan. Als u naar een halte loopt en u ziet de bus aankomen, kan de verleiding groot zijn even te hollen. Maar door dit hollen krijgen uw knieën plotseling veel schokken te verduren. Als u ook nog een tas in uw hand heeft die door het rennen heen en weer gaat zwaaien, krijgen ook uw handen en vingers extra schokken te verduren. Probeer zulke plotselinge pieken te voorkomen.

3. Verdeel de kracht over meerdere gewrichten

Als u meerdere gewrichten gebruikt, wordt de belasting van de gewrichten verdeeld en kost het minder inspanning een handeling uit te voeren. Vooral uw armen en handen kunt u op deze manier ontlasten.

Bijvoorbeeld: veel dingen kunt u met twee handen pakken, zoals een schaal, een boek of een thermoskan. Het gewicht van het dienblad kunt u verdelen over uw polsen én uw onderarm. Een bord kunt u beter op uw vlakke hand dragen dan tussen duim en wijsvinger.

4. Gebruik grote gewrichten in plaats van kleine

U heeft grote en kleine gewrichten. Grote gewrichten zijn bijvoorbeeld de elleboog, de knie en de schouder. Kleine gewrichten zijn bijvoorbeeld de gewrichten in uw handen en voeten. Omdat de grote gewrichten steviger zijn, kunt u proberen deze te gebruiken in plaats van de kleinere gewrichten. Op die manier ontziet u de kleinere, meer kwetsbare gewrichten. Dit geldt vooral voor de gewrichten van uw handen en vingers. U kunt bijvoorbeeld een tas aan uw arm of over uw schouder dragen in plaats van aan uw hand. Een deur kunt u met uw schouder openduwen in plaats van met uw handen. Als u opstaat vanuit een stoel, probeer dan te leunen op uw polsen en onderarmen in plaats van op uw vingers.

5. Doe handelingen op een andere manier of gebruik een hulpmiddel

Veel handelingen kunt u anders doen, zodat ze minder belastend zijn voor uw gewrichten. Bijvoorbeeld: op een keukentrapje gaan staan als u iets van een hoge plank wilt pakken. Ook kunt u veel hebben aan hulpmiddelen. Met een elektrische blikopener voorkomt u belastende draaibewegingen van uw hand. Met een polssteun voor het toetsenbord en de muismat van een computer geeft u uw polsen meer rust. Werk zittend in plaats van staand. Gebruik hefbomen. Er zijn veel tips en hulpmiddelen voor dagelijkse handelingen. Voor veel van deze hulpmiddelen kunt u terecht bij thuiszorgwinkels zoals bijvoorbeeld www.vegro.nl

6. Neem pijn als signaal serieus

Als u pijn ondervindt bij een activiteit, stop dan de activiteit. Als u pijn ondervindt na een activiteit, voer de activiteit op een andere manier uit of doe de activiteit de volgende keer in delen. Bijvoorbeeld eten koken: groente snijden - rusten - aardappels schillen - thee drinken - maaltijd op vuur bereiden.

Contact

Heeft u na het lezen van deze adviezen nog vragen? Stel ze dan bij uw volgende bezoek aan uw reumatoloog of Verpleegkundig Reuma Consulent.