Revisie totale heupprothese

De behandeling

Binnenkort wordt er bij u een heupoperatie verricht. Het is de tweede keer dat u aan dezelfde heup wordt geopereerd; u heeft al een heupprothese. Deze tweede heupoperatie aan dezelfde heup noemen we een 'revisie van de totale heupprothese'.De operatie en revalidatie van een heuprevisie zijn anders dan bij de eerste heupoperatie.

Hier leest u meer over de gang van zaken gedurende uw opname. Ieder mens is echter anders. De gang van zaken bij uw opname kan daarom enigszins verschillen van die van andere patiënten in het ziekenhuis. In het algemeen kunt u verwachten dat uw opname zal verlopen volgens deze beschrijving.

Neem een print van deze informatie mee naar het ziekenhuis als u opgenomen wordt. Dan kunt u alles nog eens rustig nalezen gedurende de opname.

De heupprothese

De heupprothese is een kunst-kogelgewricht. Bij het lopen en bewegen draait de kop van het dijbeen soepel rond in de kom van het bekken.

Een heupprothese heeft geen onbeperkte levensduur. Materiaalslijtage komt in zeer geringe mate voor. De levensduur van de prothese wordt in het algemeen beperkt doordat een van de prothesedelen los gaat zitten. De kans hierop is wisselend, soms pas na tien of vijftien jaar na plaatsing van de kunstheup. Soms gebeurt het helemaal niet.

Klachten

Bij problemen met de heupprothese zullen de meest voorkomende klachten zijn dat u pijn heeft aan het been en/of de heup. Het lopen gaat vaak ook moeilijker hoewel dit na de eerste operatie beter ging. Ook kan het zijn dat de heup gemakkelijk luxeert (uit de kom schiet).

Wat kunt u verwachten van de operatie?

U moet rekening houden met een wachttijd. De operatie is geen kleinigheid en het herstel vraagt veel wilskracht en inspanning van de patiënt en zijn of haar familieleden. Door een goede voorbereiding kunt u zich onnodige spanningen en teleurstellingen besparen.

De klachten die u voor de operatie had, zullen vrijwel altijd sterk verminderd zijn. Soms is het de eerste maanden nog enigszins gevoelig, maar na één jaar is meer dan negentig procent van de patiënten tevreden over het totale resultaat van de ingreep.

Voor de behandeling

  • Anesthesist
    U bezoekt (voor de opname in het ziekenhuis) de anesthesist op de polikliniek pré-operatieve screening. Hij brengt uw gezondheid en eventueel medicijngebruik in kaart. Verder krijgt u voorlichting over de verdoving en pijnbestrijding na de operatie. De operatie vindt plaats onder algehele narcose of regionale verdoving (= ruggenprik). Een ruggenprik kan worden gecombineerd met een slaapmiddel, waardoor u weinig of niets van de operatie merkt. Tijdens de pré-operatieve screening kunt u uw keuze bespreken met de anesthesist. Verder wordt bloedonderzoek verricht en eventueel een ECG (hartfilmpje) gemaakt. Dit is nodig om uw lichamelijke conditie in kaart te brengen om de kans op problemen, tijdens en na de operatie, zo klein mogelijk te maken.

Voor de operatie

Op de dag van (of een dag voor) de operatie wordt u opgenomen. Informatie over uw opname in het ziekenhuis vindt u onder 'opname'.

  • Eigen medicijnen
    U wordt verzocht om de medicijnen die u gebruikt mee te nemen naar het ziekenhuis.
  • Bodylotion
    Wilt u de week voor uw opname geen bodylotion meer op uw te opereren been gebruiken? Dit in verband met het ontsmetten van de huid op de operatiekamer.
  • Bloed prikken
    Er wordt bloed bij u geprikt.
  • Dieet
    Voor informatie over dieetvereisten verwijzen wij u graag naar de informatie over 'Anesthesie'.

Tijdens de behandeling

De dag van de operatie

Op de ochtend van de operatie moet u zich douchen.

Enige tijd voor de operatie kunt u nog even naar het toilet gaan. Uw ondergoed moet u uittrekken en uw sieraden afdoen. Hierna krijgt u een operatiejasje aan. Mogelijk krijgt u een rustgevend tablet. Even later wordt u naar de operatiekamer gebracht.

De operatie

Bij de operatie wordt een deel van de oude heupprothese geheel of gedeeltelijk verwijderd. In de heupkom wordt een nieuwe kom van kunststof of metaal geplaatst. Hierna wordt in het bovenbeen opnieuw een metalen pen geplaatst waarop de heupkop is gefixeerd die precies in de kom past. Tijdens de ingreep krijgt u antibiotica om de kans op infectie te verkleinen.

Na de operatie gaat u naar de uitslaapruimte, waar gedurende de eerste uren intensieve bewaking en controle plaatsvinden. Als uw lichamelijke conditie stabiel is, gaat u terug naar uw eigen afdeling.

Tijdsduur

De operatie duurt ongeveer twee à drie uur.

Na de behandeling

Een verpleegkundige belt uw eerste contactpersoon als u terug bent op de afdeling.

  • Dieet
    Na de operatie mag u wat water drinken. Als dit goed gaat wordt wat u mag eten en drinken verder uitgebreid.
  • Medicijnen
    Na de operatie krijgt u Fraxiparine toegediend om trombose te voorkomen. Deze prikjes in de huid moet u uzelf de eerste zes weken na de operatie 1 keer per dag toedienen. De verpleegkundige leert u hoe dit moet. Als u voor de operatie Sintrommitis of Marcoumar gebruikte, stopt u met de prikjes zodra u weer goed bent ingesteld op de Sintrommitis of Marcoumar. In de meeste gevallen worden de medicijnen die u thuis gebruikte, na de operatie weer gestart.
  • Infuus
    U heeft een infuus in uw arm. Dit infuus zorgt ervoor dat u voldoende vocht binnen krijgt. Het infuus wordt meestal twee dagen na de operatie verwijderd.
  • Pijnbestrijding
    Na de operatie heeft u een pijnstillingspompje. Dit kunt u zelf bedienen. Tevens krijgt u zetpillen of tabletten tegen de pijn.
  • Misselijkheid
    Soms treedt na de ingreep misselijkheid op. Dit kan door middel van medicijnen bestreden worden.
  • De wond
    Het litteken zit aan de zijkant van de heup en is ongeveer 20 cm lang. De wond wordt vanaf de tweede dag na de operatie, 1 keer per dag verzorgd. Zodra de wond niet meer lekt, is verband niet meer nodig.
  • Mobiliteit
    U krijgt fysiotherapie. De fysiotherapeuten bespreken de leefregels en doen oefeningen met u om complicaties tegen te gaan.

Ontslag uit het ziekenhuis

  • Na 6 weken komt u voor een controlebezoek bij de orthopedisch chirurg. Er wordt dan een foto van de geopereerde heup gemaakt.
  • Elleboogkrukken en eventuele andere hulpmiddelen zijn verkrijgbaar in o.a. de Rivas Leef&-gezondheidswinkels.
  • Hechtingen verwijderen
    Uw hechtingen worden na 14 dagen verwijderd.
  • Baden/douchen
    U mag douchen als de wond droog is. U mag in bad als de hechtingen verwijderd zijn.

Mogelijke complicaties/risico's

Ondanks alle zorg die besteed wordt aan de operatie, kunnen er soms toch nog complicaties optreden zoals:

  • Infectie van de heupprothese of het gebied eromheen. Om de kans hierop zo klein mogelijk te maken, krijgt u rondom de operatie antibiotica toegediend.
  • Luxatie. Dit betekent dat de kop van de kunstheup uit de kom schiet. De kans hierop is het grootst in de eerste drie maanden na de operatie. U dient zich daarom goed aan de bewegingsinstructies te houden.
  • Nabloeding.
  • Beenlengteverschil.
  • Trombose. Om dit te voorkomen spuit u gedurende zes weken Fraxiparine.
  • Loslating van de prothese na langere tijd.

Leefregels na de behandeling

Leefregels

  • U moet 6 weken met een rekje of krukken lopen.
  • U mag niet met de benen over elkaar zitten.
  • U mag uw heup niet verder buigen dan 90º (=rechte hoek). 's Nachts slaapt u op de rug met een dik kussen tussen uw benen.
  • U mag zelf geen kousen of schoenen aan- of uittrekken. Uw heup buigt dan te ver door.
  • Om dezelfde reden mag u ook niet bukken.

Traplopen

  • Als u de trap oploopt, zet u eerst het goede been op de trede, daarna zet u het geopereerde been en de kruk ernaast.
  • Als u de trap afloopt zet u eerst het geopereerde been en de kruk op de volgende trede, daarna zet u het goede been ernaast.

Infectiegevaar

Als heupprothesedrager blijft de kans op infectie, ook in de toekomst, bestaan. U moet uw huisarts, tandarts of specialist van tevoren inlichten als tanden en kiezen getrokken worden, tandwortelbehandelingen plaatsvinden of operaties of andere inwendige ingrepen verricht worden.

U moet tijdens deze ingrepen beschermd worden met antibiotica om zo het gevaar van infectie te vermijden. In sommige gevallen leidt een infectie elders in het lichaam namelijk tot een infectie rond de prothese. In de volgende gevallen dient u met de behandelend arts contact op te nemen:

  • Als de wond gaat lekken.
  • Als de wond dik wordt en/of meer pijn gaat doen.
  • Als u niet meer op het been kunt staan, terwijl dit tevoren goed mogelijk was.

Leven met een nieuwe heupprothese

Het nieuwe gewricht is een kunstgewricht en is daardoor meer kwetsbaar. Zware lichamelijke inspanning en sport kunnen de levensduur van het nieuwe gewricht beperken. Bespreek daarom met uw orthopedisch chirurg welke sporten u kunt uitoefenen en welke bewegingen u zeker moet vermijden.

Materiaalslijtage komt in zeer geringe mate voor. De levensduur van de prothese wordt in het algemeen beperkt doordat één van de prothesedelen los gaat zitten. De kans hierop is wisselend, soms pas na tien of vijftien jaar na plaatsing van de nieuwe prothese. Soms gebeurt het helemaal niet.

Deze kans op loslating met name op de lange termijn is de reden dat u jaarlijks of om de twee jaar blijvend gecontroleerd dient te worden. Een belangrijk onderdeel van deze controle is een röntgenfoto van de heup.

Contact

Als u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft, stelt u deze dan gerust aan de arts of de verpleegkundige.