Echoscopisch onderzoek tijdens de zwangerschap

Het onderzoek

Er zijn verschillende soorten echoscopisch onderzoek ('echo-onderzoek') tijdens de zwangerschap:

Termijnecho

In het begin van de zwangerschap wordt er een echo gemaakt om de zwangerschapsduur en de uitgerekende datum te bepalen: de zogenoemde termijnecho. Een vroege vaststelling van de zwangerschapsduur is erg belangrijk. Daarom wordt de termijnecho bij voorkeur gedaan tussen de 9 en 13 weken. In deze periode is de foetus het nauwkeurigst op te meten en kan men zeer betrouwbaar de termijn vaststellen.

Meestal kan de termijnecho gewoon via de buik gedaan worden. Is iemand nog voor de 10 weken, of ligt de baarmoeder diep in buik, of heeft iemand een dikkere buikwand (bijv. bij overgewicht), dan is een uitwendige echo niet duidelijk genoeg en moet er met de vaginale echo worden gekeken. Een vaginale echo is niet pijnlijk en niet schadelijk voor de zwangerschap.

Bij bloedverlies vroeg in de zwangerschap kan vastgesteld worden of de zwangerschap intact is. Het hartje klopt dan. Bloedverlies kan een voorteken zijn van een miskraam, maar in de helft van de gevallen is er niets mis met de zwangerschap. Het is van belang dat u zich realiseert dat echoscopisch onderzoek niets veranderd aan de uitkomst van de zwangerschap.

Groei-echo

Bij het vermoeden van een groeiachterstand of juist een te forse groei, kan het nodig zijn de groei van uw kind met behulp van meerdere echo’s te volgen. Naast de groei wordt er ook gelet op de hoeveelheid vruchtwater en de ligging van de moederkoek.

Doppler onderzoek

Tijdens een echo-onderzoek wordt zo nodig doppler-onderzoek verricht. Daarbij meet men de bloedstroom in de navelstreng. Het onderzoek kan informatie geven over het functioneren van de placenta en wordt gedaan als uw kind een groeiachterstand heeft.

20-weken echo of SEO

Rond de 20 weken zwangerschap wordt vaak nog een 20-weken echo uitgevoerd, ook wel een Structureel Echoscopisch Onderzoek (SEO) genoemd.