Bypassoperatie

De behandeling

Een bypass is een omleiding van uw vaten. U kunt dit het beste vergelijken met de aanleg van een rondweg om een stad heen. De gewone weg blijft bestaan en de nieuwe weg voorkomt verkeersopstoppingen in het centrum.

U wordt in het Universitair Medisch Centrum (UMC) in Utrecht, het Amphia Ziekenhuis in Breda of het St. Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein opgenomen om de bypassoperatie te ondergaan.

Voor de behandeling

Indien u Plavix, Ascal en/of Marcoumar gebruikt, dient u deze na overleg één week voor de operatie te stoppen. Sintrommitis drie dagen van tevoren stoppen. Dit altijd in overleg met uw cardioloog. De avond voor de operatie moet u zich douchen met een desinfecterende zeep (hibiscrub).

De dag van opname

Als u thuis wacht op een oproep voor de bypassoperatie wordt u meestal telefonisch of per brief opgeroepen en één dag voor de operatie opgenomen. Bent u in het Beatrixziekenhuis opgenomen, dan wordt u meestal één à twee dagen voor de operatie overgeplaatst. De overplaatsing vindt altijd plaats per ambulance. Er mag één familielid of kennis meerijden met de ambulance. De arts of verpleegkundige informeert u over het tijdstip van overplaatsing en operatie.

Voor het maken van een patientenpas heeft u een geldig identiteitsbewijs nodig. Deze moet u meenemen. Op de dag van opname heeft u een opnamegesprek met een verpleegkundige. Tijdens dit gesprek laat de verpleegkundige u een fotoboek zien over wat er gaat gebeuren. De verpleegkundige noteert gegevens die van belang zijn voor uw behandeling in het ziekenhuis. Van de verpleegkundige hoort u wanneer de operatie plaatsvindt. Daarna wordt u voorbereid op de operatie:

  • er wordt bloed geprikt, een hartfilmpje (ECG) en een foto van de borstkas gemaakt;
  • u krijgt een patiënteninformatiedossier (PID) waarin u informatie kunt vinden over onder andere het ziekenhuis en de operatie;
  • de hartchirurg komt bij u langs om kennis te maken en eventueel vragen aan u te stellen;
  • de anesthesioloog komt bij u langs en bespreekt de medicijnen, de anesthesie en de pijnbestrijding met u;
  • de fysiotherapeut komt langs om uitleg te geven over de therapie na de operatie;
  • een arts-assistent onderzoekt u;
  • u legt wat toiletspullen, pantoffels en een schone pyjama klaar die u mee neemt naar de Intensieve Zorgafdeling. U gaat hier na de operatie naar toe;
  • u krijgt een slaaptabletje om de nacht goed te kunnen slapen en de volgende dag goed uitgerust te zijn.

Als u dat wilt, kunt u een afspraak maken met de maatschappelijk werkende voor begeleiding in het ziekenhuis en het regelen van eventuele hulp na ontslag.

Tijdens de behandeling

Tijdens een bypassoperatie wordt er een omleiding geplaatst. De specialist plaatst een stukje ader en/of slagader om een of meerdere vernauwingen in een kransslagader. De vernauwing blijft bestaan. Het bloed stroomt nu via een alternatieve route. Voor de omleiding gebruikt de specialist een van uw andere bloedvaten. Dat is geen probleem. U kunt sommige bloedvaten in uw lichaam goed missen. Meestal wordt een van de borstslagaders gebruikt. Maar ook aders uit de benen zijn geschikt. Als er meerdere vernauwingen zijn worden zowel borstslagaders gebruikt als aders uit de benen.

Tijdsduur

De operatie duurt ongeveer drie tot vier uur.

Na de behandeling

Als de operatie heeft plaatsgevonden wordt u naar de intensieve zorgafdeling gebracht. Hier blijft u een dag en een nacht. Op deze afdeling ligt u aan beademingsapparatuur en aan de monitor. U heeft een infuus, een blaaskatheter (slangetje in uw blaas) en wonddrains in de borstkas. De eerste contactpersoon wordt gebeld door de arts over het verloop van de operatie.

Als alles goed gaat wordt u van de beademingsapparatuur gehaald en kunt u zelf weer ademen. De volgende dag mag u naar de Medium careafdeling. U krijgt dan nog wel zuurstof toegediend. Ook ligt u dan nog aan de monitor en heeft u nog een blaaskatheter en drains. Op de Medium care-afdeling komt de fysiotherapeut langs om met u de ademhaling en het ophoesten te oefenen.

Binnen één tot enkele dagen gaat u terug naar de afdeling waar u bent opgenomen. U heeft dan geen monitorbewaking meer. De drains en de zuurstof worden gestopt in overleg met de arts. De fysiotherapeut komt dagelijks langs om met u te revalideren. Er worden elastische kousen aangemeten die u gedurende zes weken overdag moet dragen. De mogelijkheid bestaat om na vier tot vijf dagen (na ongecompliceerd verloop) naar het Beatrixziekenhuis te worden overgeplaatst.

Afhankelijk van uw persoonlijke omstandigheden en het herstel mag u na ongeveer zeven tot tien dagen naar huis. U mag tot tien dagen na ontslag niet alleen thuis zijn. Er wordt gedurende de opname naar mogelijkheden gekeken. Voordat u naar huis gaat, heeft u een ontslaggesprek met een verpleegkundige van de afdeling. De verpleegkundige geeft u de ontslaggegevens en een medicijnboekje mee en legt u de leefregels uit. U komt bij uw eigen cardioloog in het Beatrixziekenhuis op controle.

Uitslag

Na een aantal weken komt u terug bij de cardioloog op de polikliniek. U krijgt hiervoor op de dag van uw ontslag een vervolgafspraak mee.

Mogelijke complicaties/risico's

Mogelijke complicaties tijdens of net na een bypassoperatie zijn:

  • bloeding;
  • infectie;
  • koorts;
  • hartritmestoornissen.

De meeste complicaties zijn goed te behandelen. Omdat de meeste complicaties zich voordoen als u nog in het ziekenhuis bent, is het mogelijk snel en deskundig in te grijpen.

De risico's zijn niet voor iedereen hetzelfde. Dit heeft te maken met leeftijd en lichamelijke conditie. Bij aandoeningen zoals diabetes, long- of nierziekten is er ook een iets groter risico op complicaties.

Leefregels na de behandeling

  • als u uit het ziekenhuis ontslagen bent mag u, indien het tien dagen of langer is na de operatie datum, naar buiten;
  • probeer twee keer per dag een stukje te wandelen, beginnend met 10 minuten en dan elke dag wat langer tot ongeveer twee keer een half uur;
  • fietsen en autorijden is zes weken na de operatie weer toegestaan (bij complicaties tijdens of na de operatie eerst overleggen met de cardioloog);
  • uitvoeren van licht huishoudelijke activiteiten zoals stoffen, afwassen;
  • als u nog moeite heeft met de Tri-flow, die u kreeg om goed door te ademen, blijf hiermee dan een aantal keren per dag oefenen zoals u in het ziekenhuis heeft geleerd;
  • de oefeningen die de fysiotherapeut u leerde tijdens uw ziekenhuisopname (voor armen, romp en benen) blijft u twee keer per dag doen;
  • vergeet niet uw pijnmedicatie in te nemen zoals u in het ziekenhuis deed. U gaat meer bewegen en pijn moet u daarbij niet belemmeren;
  • binnen twee weken neemt de coördinator van de hartrevalidatie contact met u op om een eerste afspraak te maken;
  • bij koorts of bloeding dient u direct contact op te nemen met uw huisarts.

Contact

We hopen u voldoende te hebben geïnformeerd. Hebt u na het lezen van de tekst nog vragen, dan kunt u bellen met de polikliniek cardiologie. Deze is bereikbaar via (0183) 64 43 06.