Thoracoscopie

Het onderzoek

U heeft een afspraak gekregen voor een opname in het ziekenhuis, in verband met een thoracoscopie.

Een thoracoscopie is een onderzoek waarbij met een kijkbuis in uw borstkas wordt gekeken. Dit onderzoek wordt gedaan als u vocht tussen de long en de borstkas heeft. De longarts kan met dit onderzoek de buitenkant van de longen en de binnenkant van de borstkas bekijken om zo te weten te komen wat de oorzaak van de klachten is.

Tijdens het onderzoek krijgt u pijnstilling via een infuus, zodat u tijdens het onderzoek slaperig bent. U wordt plaatselijk verdoofd. Soms krijgt u een “roesje” (sedatie).

Voor het onderzoek

Medicijnen

  • Zorg dat u een lijst meeneemt met de medicijnen die u gebruikt (verkrijgbaar bij uw apotheek).
  • Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt, bespreekt de longarts met u hoeveel dagen voor het onderzoek u moet stoppen met deze medicijnen. Als dit niet met u is besproken, belt u dan met de secretaresse van de polikliniek longgeneeskunde om dit aan te geven.
  • Als u medicijnen voor suikerziekte gebruikt (tabletten en/of insuline), bespreekt de longarts met u hoe deze moeten worden aangepast. Als dit niet met u is besproken, belt u dan met de secretaresse van de polikliniek longgeneeskunde om dit aan te geven.
  • Vertel het uw arts als u zwanger bent.
  • Als u andere medicijnen gebruikt, kunt u deze innemen zoals u gewend bent.

Verdere voorbereiding

U mag tot 1 uur voor het onderzoek eten en drinken. Op de afdeling krijgt u een infuusnaald in uw arm.

Tijdens het onderzoek

U gaat met bed naar de scopie-afdeling. De longarts geeft u een plaatselijke verdoving met een injectie. Eerst wordt er een slangetje ingebracht, waardoor vocht rond de long verwijderd wordt. Via datzelfde slangetje wordt lucht in de borstholte gespoten. Daarna wordt met doorlichting (röntgenstralen) gecontroleerd of de long voldoende 'los' ligt van de borstwand. Vervolgens wordt u op uw zij gelegd. Vaak krijgt u door de infuusnaald pijnstillende medicatie en eventueel het “roesje” (sedatie) ingespoten.

De arts maakt in uw zij ter hoogte van uw longen een sneetje van 2 tot 3 cm. Via de kijkbuis bekijkt de longarts de buitenkant van uw longen en de binnenkant van uw borstkas. Vaak neemt de arts wat weefsel weg voor onderzoek. Dit kan heel even pijn doen.

De longarts laat door het sneetje een plastic slangetje achter in de ruimte tussen longen en borstkas. Dit slangetje wordt de thoraxdrain genoemd. De drain wordt met een hechting vastgemaakt aan de huid.

De thoraxdrain (zie afbeelding) wordt aangesloten op een afzuig/drainagesysteem. Meestal wordt door middel van lichte zuigkracht de lucht of het vocht weggezogen zodat de long zich weer kan ontplooien. Na het onderzoek wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.

Het ‘roesje’ (sedatie) wordt vlak voor het onderzoek toegediend via de infuusnaald. U krijgt een middel waar u slaperig en/of rustig van wordt. Lees de informatie hierover via de volgende link: roesje (sedatie) bij een endoscopisch onderzoek.

Tijdsduur

Het onderzoek (inclusief de verdoving vooraf) duurt ongeveer 90 minuten.

Na het onderzoek

  • U verblijft na het onderzoek tot ongeveer een uur op de dagbehandeling tot u goed wakker bent. Daarna wordt u teruggebracht naar uw eigen afdeling.
  • De verpleegkundige controleert de drain regelmatig. Als u pijn heeft, kunt u een pijnstillend medicijn vragen. Als u ernstige pijnklachten krijgt of als u benauwd wordt, moet u direct een verpleegkundige waarschuwen.
  • Uw arm en schouder kunnen na het onderzoek pijnlijk aanvoelen. We raden u aan om te proberen uw arm en schouder normaal te gebruiken.
  • U mag uit bed komen, maar u kunt niet verder van uw bed dan de lengte van de drain toelaat. De drain mag niet strak gespannen staan of knikken.
  • Omdat u zich minder kunt bewegen dan gewoonlijk, krijgt u meestal dagelijks een injectie met een bloed verdunnend medicijn. Hierdoor is er minder kans op trombose. (afsluiting van een bloedvat door een bloedprop).
  • Meestal wordt er de volgende dag een longfoto gemaakt om te controleren of de drain goed zit en of de long ontplooit. De longarts beoordeelt de foto en spreekt af wanneer een volgende longfoto wordt gemaakt. Aan de hand van de longfoto’s kan de arts beoordelen of de drain eruit mag of dat er verdere behandeling, bijvoorbeeld pleurodese, nodig is.
  • Als u weer naar huis mag, krijgt een formulier mee waarop aangegeven staat hoe te handelen bij eventuele problemen. Dit formulier bewaart u tot twee weken nadat u bent thuisgekomen.

Uitslag

De definitieve uitslag van het onderzoek krijgt u zo spoedig mogelijk van uw specialist. U heeft daarvoor een afspraak gekregen.

Mogelijke complicaties/risico's

Het is zeldzaam, maar er kan een complicatie optreden tijdens of na de thoracoscopie en het inbrengen van de thoraxdrain, bijvoorbeeld een tijdelijke daling van de bloeddruk, een infectie, een bloeding of een trombose. U moet dan (langer) in het ziekenhuis blijven of naar de SEH (spoedeisende hulp) komen.

Leefregels na het onderzoek

Meestal kunt u een dag nadat de drain eruit is gehaald weer naar huis. De longarts of zaalarts vertelt u wat u thuis wel en niet mag doen.
U krijgt een afspraak mee voor controle en/of de uitslag van het weefselonderzoek bij uw longarts op de polikliniek Longziekten. De uitslag van het weefselonderzoek is na ongeveer een week bekend.
Als u thuis lichamelijke klachten krijgt, bijvoorbeeld koorts (38,5°C of hoger), pijn bij het ademhalen of plotselinge benauwdheid of als de wond gaat ontsteken (roodheid, zwelling, pus), moet u bellen met uw huisarts of longarts. De arts kan beoordelen of de klachten het gevolg zijn van het onderzoek of een andere oorzaak hebben.

Contact

Heeft u nog vragen, stel u ze dan gerust. Als u verhinderd bent, wilt u ons dit zo spoedig mogelijk laten weten. Wij kunnen uw plaats dan gebruiken voor een andere patiënt.

De afdeling longgeneeskunde is bereikbaar van maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 uur en 16.30 uur via telefoonnummer (0183) 64 45 26.