Koemelkallergie en borstvoeding

Een voedselallergie of niet?

Borstvoeding geeft de beste bescherming tegen een mogelijke allergische reactie. Toch kan een kind allergisch op borstvoeding reageren. Het eiwit uit onder andere koemelk kan via de voeding van de moeder in de borstvoeding terechtkomen en een allergische reactie veroorzaken. Deze allergisch reactie kan zich op verschillende manieren uiten:

  • spugen, diarree, obstipatie en darmkrampjes
  • eczeem en galbulten
  • verstopte neus, ontstoken (rode) ogen
  • prikkelbaarheid en vaak langdurig huilen, vooral na de voeding.

Wanneer uw kind bovengenoemde verschijnselen heeft, wil dit niet altijd zeggen dat het allergisch reageert op borstvoeding. De oorzaak kan ook iets anders zijn, bijvoorbeeld een griep of een verkoudheid.

Koemelkvrij dieet

Om erachter te komen of bij uw kind sprake is van voedselallergie, is het advies om in eerste instantie twee tot vier weken een koemelkvrij dieet te volgen. Hiermee wordt voorkomen dat koemelkeiwit via uw voeding in de borstvoeding terecht komt.

Vermijd alle soorten melk, melkproducten en producten waarin melk of melkbestanddelen zijn verwerkt:

  • karnemelk, melkdranken (chocolademelk, fruitzuiveldrank), vla, pap, pudding
  • biogarde, (vruchten)yoghurt, (vruchten)kwark, kefir, hangop, yoghurtdranken
  • melkpoeder, koffiemelk(poeder), roomijs, consumptie-ijs, softijs
  • slagroom, crème fraîche, zure room
  • weidranken (zoals Taksi® en Rivella®)
  • alle kaassoorten, smeltkaas, smeerkaas, Hüttenkäse
  • roomboter

Lees zorgvuldig de ingrediëntendeclaratie op de verpakking van een voedingsmiddel. Een voedingsmiddel bevat koemelk wanneer één van de volgende ingrediënten op het etiket vermeld staat: magere of droge melkbestanddelen, wei-eiwit, weipoeder, lactose, melksuiker, magere of volle melkpoeder, caseïne, caseïnaat, natuurlijk aroma, melkeiwit, gehydrolyseerd melkeiwit, melkvet, melkzout, boterconcentraat, boterolie, lactalbumine, lactoperoxidase, ?-lactoglobuline, transglutaminase en nisine (E234). Een fabrikant is verplicht de aanwezigheid van melk op de verpakking te vermelden.

Gebruik gedurende de eerste weken nog geen sojaproducten als vervanging voor de melk. Soms kunnen kinderen namelijk ook allergisch op soja reageren. Gebruik ook geen geiten-, paarden- of schapenmelk. Andere (sterk allergene) voedingsmiddelen, zoals ei, pinda en noten, hoeft u niet weg te laten, tenzij daar duidelijke redenen voor zijn.

Voorkom ongewenst gewichtsverlies of het teruglopen van de borstvoeding door de juiste hoeveelheden voeding en vocht te gebruiken.

Gemiddelde aanbevolen hoeveelheden als basis voor een gezonde, koemelkvrije voeding bij borstvoeding zijn:

  • minimaal 6 sneden brood, bij voorkeur volkoren
  • 4 à 5 aardappelen (200 à 250 g) of vervanging (pasta of peulvruchten)
  • 250 g groente
  • 2 porties fruit
  • minimaal 500 ml calciumverrijkte rijste-, haver- of amandelmelk
  • 125 à 150 gram vlees(waren), vis, kip, ei of (koemelk- en sojavrije) vleesvervangers
  • 50 gram halvarine, margarine, bak- en braadproducten (zonder melk)
  • 2 liter vocht

Melk is een belangrijke leverancier van eiwit, calcium en vitamine B2. Wanneer melk uit de voeding wordt weggelaten, is het belangrijk dat daarvoor een vervangend product wordt gekozen. Tijdens de twee tot vier weken van de onderzoeksfase beschikt het lichaam nog wel over reserves en zijn koemelkvervangende voedingsmiddelen en aanvullingen voor de moeder niet nodig. De verminderde eiwitinname door het weglaten van melk uit de voeding, kan worden opgevangen door bijvoorbeeld extra vlees te gebruiken.

Als het koemelkvrije dieet langer dan vier weken gevolgd wordt, moet naar andere bronnen van met name calcium en vitamine B2 worden gezocht. Indien mogelijk kan de moeder na de onderzoeksfase gebruik maken van sojamelk. Het sojamelkproduct moet volwaardig zijn, d.w.z. verrijkt met calcium en vitamine B2. Aangeraden wordt 1 mg vitamine B2 en 1000 mg calcium per dag te gebruiken.

Als er geen gebruik gemaakt wordt van melkvervangers (rijste- haver-, amandel-, sojamelk), zullen de ontstane tekorten aangevuld moeten worden met vitamine-/mineralenpreparaten of met een preparaat dat speciaal is samengesteld voor moeders die borstvoeding geven. 

Open koemelkprovocatietest bij borstvoeding

Als uw kind goed op het koemelkvrije dieet heeft gereageerd, is het mogelijk dat er sprake is van koemelkallergie. Om dit vast te stellen, zal uw kind via de borstvoeding een open koemelkprovocatietest ondergaan. Dit kan thuis plaatsvinden. De diagnose kan met een open provocatietest met een zekere waarschijnlijkheid, maar nooit met 100% zekerheid, vastgesteld worden.

De test verloopt het best als uw kind goed uitgerust en zo gezond mogelijk is. Alleen in een stabiele situatie is de test goed te beoordelen. De open koemelkprovocatietest bij borstvoeding gaat als volgt:

  • Dag 1: u drinkt 100 ml melk(producten) verspreid over de dag.
  • Dag 2: u drinkt 300 ml melk(producten) verspreid over de dag.
  • Vanaf dag 3: u drinkt 500 ml melk(producten) verspreid over de dag.  

Als uw kind gedurende de open koemelkprovocatietest dezelfde klachten vertoont als hij/zij had vóór de start van het koemelkvrije dieet, lijkt de diagnose koemelkallergie gesteld. De diëtist zal u in het hieropvolgende traject verder begeleiden.