Osteopenie bij ouderen
Wat is osteopenie?
Er is sprake van osteopenie als er een lichte afname is van de botdichtheid in uw lichaam.
Het lichaam is continu bezig met het afbreken en opbouwen van bot. Tot ongeveer 25 jaar bouwt het daarbij meer bot op dan het afbreekt. Na ongeveer 40 jaar is het omgekeerde het geval. Mannen verliezen vanaf dat moment in totaal 20 tot 30 procent van hun botmassa, vrouwen soms tot aan 50 procent. Botten worden daardoor kwetsbaarder.
Onze botten bestaan onder andere uit calcium, fosfor en merg. Deze zorgen samen voor een hechte structuur, met daartussen kleine openingen. De afmetingen van de openingen in onze botten bepalen de botdichtheid. Hoe hoger de botdichtheid, des te sterker het bot.
Afhankelijk van de mate waarin de botdichtheid is afgenomen spreken we van osteopenie of osteoporose (botontkalking). Als er sprake is van een flinke afname van de botdichtheid dan heet dat osteoporose.
Oorzaken en gevolgen van osteopenie
Met osteopenie kunt u een verhoogd risico hebben op botbreuken. Dit wordt mede bepaald door risicofactoren. Een aantal factoren vergroot de kans op het krijgen van osteoporose aanzienlijk. U loopt een hoger risico op osteoporose als u:
- eerder iets gebroken hebt, na het vijftigste levensjaar;
- langdurig bepaalde medicijnen gebruikt, bijvoorbeeld corticosteroïden of middelen tegen epilepsie;
- ondergewicht hebt;
- erg weinig beweegt, bijvoorbeeld vanwege langdurige bedrust of omdat u rolstoelafhankelijk bent;
- een tekort aan vitamine D hebt;
- minder dan 500 mg calcium per dag eet en/of drinkt;
- rookt;
- vroeg in de overgang bent gekomen (voor het vijfenveertigste jaar);
- meer dan drie glazen alcohol per dag drinkt;
- familieleden met osteoporose hebt.
Bij bepaalde ziektes is de kans op osteoporose groter. Voorbeelden hiervan zijn reumatoïde artritis, chronische darmziekten, diabetes mellitus en een te snel werkende schildklier.
Heb ik osteopenie?
De enige manier om osteopenie aan te tonen, is met een onderzoek naar uw botdichtheid, een zogenaamde DEXA-meting. Hierbij wordt de botdichtheid van uw heupbot en wervels gemeten. U voelt hier niets van. Is de botdichtheid licht verlaagd, dan spreken we van osteopenie. Is de botdichtheid ernstig verlaagd, of zijn er op de botmeting ingezakte ruggenwervels te zien, dan is er sprake van osteoporose.
Leefstijladviezen
De kans op osteoporose of verslechtering van de osteoporose kunt u verminderen door alert te zijn op:
Calciumgebruik
Calcium zit in zuivelproducten, zoals melk, kaas en yoghurt, maar ook in bijvoorbeeld peulvruchten, groente en noten. Het maakt hierbij voor het calciumgehalte niet uit of u magere, halfvolle of volle zuivelproducten gebruikt. Voor mensen ouder dan vijftig jaar geldt het advies meer calcium te gebruiken dan jongere volwassenen. Naarmate het lichaam veroudert, krijgt het lichaam namelijk meer moeite calcium daadwerkelijk op te nemen.
Iedere dag vier tot vijf calciumrijke voedingsmiddelen gebruiken, is doorgaans voldoende om aan de dagelijkse behoefte te voldoen. Uw arts kan u extra calcium voorschrijven als u daar niet aan komt.
Vitamine D
Het lichaam heeft voldoende vitamine D nodig om calcium goed op te nemen uit de voeding. Het grootste deel daarvan maakt het zelf aan, onder invloed van zonlicht. Breng daarvoor elke dag minimaal dertig minuten met een onbedekt gezicht en blote handen door in de buitenlucht. Vanwege het klimaat in Nederland maakt het lichaam vooral in de maanden april tot en met september vitamine D aan. In de herfst en winter is het vitamine D-gehalte afhankelijk van eerder opgebouwde reserves en voeding.
Een aantal voedingsmiddelen bevat ook vitamine D, bijvoorbeeld sommige margarines en vette vis, zoals zalm, paling, haring, sardines en makreel. Vlees en eieren bevatten het ook, maar minder.
Een groot aantal mensen haalt de minimale hoeveelheid vitamine D niet. In dat geval is extra inname via medicatie mogelijk én noodzakelijk. Dit gebeurt op voorschrift van een arts.
Wanneer het lichaam ouder wordt, neemt het vermogen om zelf vitamine D aan te maken bovendien af. Bij mensen met een donkere huidskleur is dit vermogen bovendien minder dan bij mensen met een lichte huidskleur.
Bewegen
Bewegen vermindert de kans op vallen en het versterkt de spierkracht. Daarnaast helpt het om osteoporose tegen te gaan, want door belaste beweging, zoals lopen of traplopen, verbetert de botkwaliteit. Fietsen en zwemmen is vooral goed voor uw conditie, maar levert voor uw botten minder op dan lopen. Ten minste een half uur stevig wandelen per dag levert al veel op. Ook sporten zoals tennissen en hobby’s zoals tuinieren zijn goede voorbeelden van belaste lichaamsbeweging.
Vallen
Als u een verminderde botdichtheid hebt, is het belangrijk om vallen te voorkomen. U loopt daarbij namelijk het risico iets te breken. Als u medicijnen gebruikt die u evenwicht beïnvloeden, als u minder ziet of al vaker viel, bespreek dit dan met een huisarts of verpleegkundige. Misschien is het mogelijk uw medicatie bij te stellen, of u krijgt een verwijzing voor balanstraining. Zorg thuis voor goede verlichting en vaste ondergrond. Vermijd bijvoorbeeld gladde vloeren, losliggende tapijten en uitstekende hoeken.
Contact
Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem contact op met de polikliniek Geriatrie via 0183- 64 48 06. Voor meer informatie kunt u ook terecht bij de patiëntenvereniging: www.osteoporosevereniging.nl